Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de teergroene blaadjes van de hooge boomen overal met zonneplekken, en aan 't eind van de laan schemerde al iets rozigs van het huis ...

In de vestibule kwam hun juffrouw Verheide tegemoet, natuurlijk in haar eeuwige japon van twee jaar geleden, of tenminste net-zoo-een. Toch had Annie haar wel zóo om den hals. willen vliegen, ondanks haar harkerigheid.

Boven, alleen op haar kamer, waar ze zich wat verfrisschen zou, liep ze natuurlijk dadelijk naar het raam. Wijdgroen strekte het gazon zich, met in het midden plekkend het wit van de duiventil. Klapwiekend zag zij de duiven er omheen vliegen; enkelen stonden op het gras te kopknikken in hun groote kragen; een paar pauwstaarten wandelden parmantig rond. — O, ze moest ér gauw heen straks... zien of Napoleon nog leefde, die ze twee jaar geleden half ziek in de hoede van den baas had moeten achterlaten, 't Zou jammer zijn als hij dood was... Hè, wat was het toch heerlijk buiten 1

Diep haalde ze de zoele lentelucht haar longen binnen; voor het raam stonden de kastanjes in bloei, hun wellustige bloemtrossen bleek-rood en wassig-wit aan alle kanten brekend uit het welig groen, dat zoo gedurfd, in zijn volle zomerschheid, aanstond tegen den blauwen hemel. Vogelengeluidjes doorkweelden de stilte, en uit den stal, opzij van het huis, klonk dof paardengetrappel.

„Dol... dól..." was alles wat Annie dacht, en, terwijl zij daar stond, leek Den Haag zoo ver weg en haar tijd in Engeland: Castle Bridge, de Richbournes... meneer en mevrouw... Mary en Ellen en Edward. en al hunne kennissen met wie zij een jaar. lang geleefd had, zoo heel anders dan hier, en zoo heel anders dan in Den Haag ook... Sir George Lansdone... Ze ziet hem nog vóór zich den correcten jongen Engelschman met zijn bleek gezicht en gescheiden donker haar... Ze was vreeselijk verliefd op hem geweest, zóó erg dat Mary en Ellen 't wel hadden moeten merken en haar geplaagd hadden. En al had ze een héél klein oogenblikje gehoopt hij zou haar vragen (dien middag naar Rochester: dat oude kasteel met de witte meeuwen 1) — nü was dat voorbij alles, zooals die heele periode in Engeland voorbij was ...

Zij zag nu, op een afstand, zoo goed waarin Sir George's invloed op haar had bestaan, en 't scheen haar thans, juist wijl zij nu begreep, dat het laatste restje van dien invloed daarmeê tegelijk versmolten was, als een charme die ver-

Sluiten