Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er werd nu getosst, om de partijen te verdeelen. Rougb of smooth?

„Smooth!" „Rough 1"

Frits Broeckaerts wierp, vóór de oranjerie, zijn racket in de luch t, dat met vele dolle buitelingen op bet zand neerkwam. Voor het eerste set werden aangewezen Emilie Fockens en het protégêtje van Jet, Ru van Meerwijk en Jan Broeckaerts. Emilie speelde met van Meerwijk tegen den jongen Broeckaerts en het protégêtje. De anderen gingen mede naar de baan om toe te zien, of bleven in de koele schaduw van de oranjerie.

Frits Broeckaerts vooral deed zijn best het „tot werkeloosheid gedoemde" deel van 't gezelschap te amuzeeren met zijn kwajongens-aardigheden en studentengrappen. Hij keek daarbij heel ernstig en streek met de hand door zijn blonden krullenkop. Soms ook brak hij zijn verhalen af op 't onmogelijkste punt, om er een raadsel tusschen te gooien: „Zeg, wat ik zeggen woü, weten jullie hoeveel paaschdagen er zijn? Niet? Drie: le paaschdag, 2e paaschdag en pa's verjaardag ..."

De lange Mr. Greveling grinnikte; de twee freuletjes de Teek (een was naar het tennissen gaan zien) keken gechocqueerd, en Jet bestrafte:

— Hè Frits wat flauw 1 Toe, als je niets anders weet, moest je maar wat gaan wandelen.

't Was net een kind, die Frits: niets gepiqueerd; 't scheen dat het verwijt van zijn zuster niet eens recht tot hem doordrong. — Zeg, hebben jullie wel eens de reuzenzwaai aan de rekstok gezien ? Wacht, ik zal hem je voordoen 1...

Hij sprong op, om in 't vertrek naast-aan, dat voor biljart- en gymnastieklokaal was ingericht', als een dolleman aan den rekstok te gaan zwaaien, voor geen andere toeschouwers dan Mr. Greveling en een der meisjes Teek, die beiden erg verlegen schenen en alles aangrepen om zich een houding te geven. Annie was rustig in haar gemakkelijk stoeltje blijven zitten; zag het aan uit de verte; ze was veel te lui om met de warmte zich in te spannen.

Het eerste set was spoediger afgeloopen dan men gedacht had. Het protégêtje scheen het verkorven te hebben: Jan Broeckaerts tenminste mompelde allerlei verwenschingen over „dat stomme schaap dat alles in 't honderd stuurde". Annie kreeg medelijden- met het meisje, dat daar zoo moederziel alleen zat; ze zou haar straks wel eens aanspreken, nam ze zich voor. Onderwijl dwaalden haar oogen naar dien nieuwen logé van de Broeckaerts, Mr. Ter Kraane geloofde ze, die

Sluiten