Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zij bevredigde hem zoo heelemaal en ze was daar trotsch op; ze was blij dat ze niet leelijk was...

Zoo dacht ze, ondanks haar verlegenheid toch wel gevleid om den blik van papa, en zij vroeg papa van zijn reis, van zijn verbhjf in Parijs, aan de Riviera...

Het was half twaalf vóór zij het wist; papa haastig opstond om met wat korte zinnetjes afscheid te nemen.

Nog net voor de koffie kon Annie toen den brief aan Jet Broeckaerts afmaken.

VIJFDE HOOFDSTUK

Moederschap

I

Heerlijk! Met een zuchtje liet Annie zich achterover zinken in de kussens van den landauer en sloot de oogen. Zij gleden voort in den zoelen avond; boven haar hoofd, het dakje van haar parasol, wist zij de oude boomen van den Scheveningschen weg met hun groene, doorbronsde bladerpluimen roerloos tegen de klare lucht; om zich heen, als ver, hoorde ze stemmen van wandelaars, het geklank der bellen van de electrische trams, die zij, als ze even de oogen opende, als witgelakte doozen vol menschen langs zich zag heenglijden.

Moeder had hun het rijtuig aangeboden, omdat dat gedrang aan de trams zoo vervelend was; 't was heel hef geweest van moeder, want Annie wist hoe moeder over Scheveningen en het Kurhaus dacht. Op het Kurhaus kwam moeder nooit, de laatste jaren; 'k heb geen lust me te mêleeren met m'n boekverkooper en m'n dentist, zei ze altijd, en Annie, voor haar huwelijk, was er ook maar zelden geweest. Toch wist ze van heel goede families die er geregeld kwamen, op de Symphonie-avonden: zelfs de Heytinks, en 't was toch juist iets voor Jeanne en Josientje om den neus op te trekken voor alles wat niet tot „hun kring" behoorde.

Annie dacht er over terwijl zij voortgleed, zalig onder 't breed gespreide boomengroen. Naast haar zat Willy te genieten van zijn cigaar, en zij genoot meê van de kruidige

Sluiten