Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

salon naar 't droge oogenblik te hunkeren stond, waarop zij het wagen kon.

Op de Prinsengracht kwam zij in 't geheel niet; dat was te ver. Willy, op sommige dagen, ging wat later naar zijn ; kantoor; hield zich vrij van te veel commissies, te veel vergaderingen, sinds Annie hare eenzaamheid hem had geklaagd. Dan zaten ze in haar boudoirtje en babbelden, lazen en dronken thee met veel koekjes; vrijden ook soms en lachten met den regen. —

Maar dan ook weêr kwamen er dagen waarop hij het druk had, amper kwam koffiedrinken; er was een zaak waarvoor hij naar Rotterdam moest af en toe; die hem geheel absorbeerde.

Dan had Annie het gevoel als ontglipte haar Willy, als

I «hoorde hij niet haar meer, maar zijn werk, dat eeuwige,

I ellendige werk dat zij haatte.

Dan sleepte zij de uren door. alleen in haar groote huis.

ï dat zij vroeger zoo klein had gevonden; dan leed zij onder t uren-lang dwingende gegil van Carolientje. die met haar

I ingewandjes sukkelde in dezen tijd van niets dan wrange nattigheid; dan plukten haar vingers nerveus aan dit en aan dat. in rustelooze ongedurigheid, een niet weten waar het te zoeken. O, de stilte dier uren, waarin het haar was als kroop de verveling uit de hoeken van de kamer op haar aan; waarin zij zich zelve langs de spiegels glijden zag als een

I schim. Lust te schreeuwen, te gillen had zij, te zwaaien als een dolle met haar armen. Het scheen haar soms of zij. als die stilte nog langer drukken zou. krankzinnig zou worden. Waarom ging ze niet uit, de stad in, al regende het ook? Waarom zocht ze de menschen niet op in hun huizen, de vroolijke lachende menschen? Zij woonde toch

.niet in een boerendorp, maar in Den Haag, Den Haag, Den Haag I Den Haag, dat was de residentie, de stad van licht, van luxe. Stoorde Den Haag zich aan den regen ? Ach, welnee 1 De Nassau Odijkstraat dat was Den Haag niet — dat was de eeuwige gamma's bij majoor Fransema, die haar dol maakten. Waarom zocht zij dan niet het leven van Den Haag, van de Haagsche menschen uit haar kring, die plezier hadden ook al regende het ? ...

Zij het dan. als zoo vaak in die dagen, de verschillende kaarten door hare vingers glijden van het koperen bakje in haar boudoir: een introductie voor een kermesse d'hiver... ach neen, die was al geweest, gisteren. Waarom was ze er niet heen gegaan? Hier. de invitatie van mevrouw van

Sluiten