Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

krachtig uit te voeren, houdt de leerling de voorste pooten van het toestel vast. (Zie fig. 22.)

III. De samengestelde zwemslag.

c1. Wij zullen eerst den vierdeelig samengestelden zwemslag behandelen.

De leerling ligt met gesloten beenen in de uitgangshouding. Ook hier wordt de zwemslag beoefend als bij den samengestelden zwemslag op de plaats aangegeven is. (Zie fig. 23.)

c 2. Evenzoo wordt de driedeelige zwemslag onderwezen.

Nu laat men den leerling zelfstandig den zwemslag eenige malen achter elkaar doen, b.v. 10 slagen. Gebeurt dit zonder fouten, dan 20, 30, tot een maximum van 40 slagen.

d. Het zwem-hang-apparaat.

Nadat de leerlingen - 40 slagen zonder fouten op het z. s. a. hebben gedaan, is het wenschelijk dit ook aan het z. h. a. te laten uitvoeren.

Men neemt aan, dat de toestellen aan de ringen zijn opgehangen. De singelbanden voor de beenen hangen zoo hoog van den grond, dat de leerling ze gemakkelijk om zijn dijbeen kan gespen. Vervolgens doet hij den borstgordel om (zie fig. 24), buigt daarna voorover, plaatst de handen op den grond en gaat zonder schokken in de uitgangshouding voor den drieof vierdeeligen zwemslag liggen (zie fig. 25).

Door een tweeden leerling worden de riemen tusschen borst- en dijsingels vastgemaakt, nadat ook dit toestel voor de lengte der leerlingen van elke groep is geregeld.

Wordt hij vermoeid of raakt hij in de war met de

Sluiten