Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

57. Tiiicentius [Bellovacensis], Speculum morale, ia quo moraliter et

pulchre narraatur omai statui convenientia. 2 vol. S. 1. et a. gr. f°.

Druk van Conrad Winters van Homburg te Keulen 1476. 281 -(- 226 bladen (het eerste bl. van dl. I, en het eerste bl. v. het Register, hier vóór dl. II geplaatst, zijn wit), Goth. letter, druk in 2 kolommen. Copinger 6251.

Twee ontbrekende bladen in het 2e deel zijn kort na de uitgaaf vervangen door beschreven bladen, en deze zijn geheel op dezelfde wijze als het geheele werk gerubriceerd. Aan het begin van elk deel een groote blauwe initiaal met wit, en met roode lijnornementen, langs de marge zich uitstrekkende.

Twee banden iu leer op hout, blind gestempeld met driedubbele lilden, elkander rechthoekig en diagonaal snijdende; in de reserves een „seinis" van kleine rosacen, sterretjes enz. in eenigszins varieerende rangschikking. De ruggen zijn beschadigd; van de 4 sloten is er een bewaard. Boven aan het achterplat sporen van kettingring.

58. Cyrilliis episcopus, Quadripartitus apologeticus, de greco in latinum

translatus qui relucet moraliter in philosophia ethica per quatuor cardinales virtutes et ïnorales. S. 1. et a. f°. Druk van Joh. Koelhoif te Keulen: zijn tweede type (c. 1476), nog slechts weinig afwijkend van het oudste van 1472. 46 bladen, Goth. letter in 2 kolommen. Hain 5905, Proctor 1033, Cat. Br-. Mus. 221, Pellechet 4085. —• Beginletters enz. in rood. Het ex. van het Br. Mus. heeft op het eerste tekstblad: „apologicus" In andere uitgaven draagt het werk den titel „Speculum sapientiae".

59. Gregorius Magnus (Beatus), Moralia s. Expositio in librum beati

lob. S.J. et a. gr. f". Druk van Conrad Winters van Homburg te Keulen c. 1477. 329 bladen (het eerste ontbreekt; vijf eveneens ontbrekende bladen van het Register zijn kort na de uitgaaf vervangen door/ handschriftbladen, die geheel op dezelfde wijze als de gedrukte bladen gerubriceerd zijn). Goth. letter, 2 kol. Hain-Cop. 7927, Proctor 1177, Cat. Br. Mus. 246, Voulliéme, Köln 508. Beginletters enz. in rood. Aanvangsletters van de 35 boeken in rijke kleurenversiering.

De aanvangsbladen zijn voorzien met perkamenten bekleede knopjes als bladwijzer.

Geheel onderaan de bladen zijn signaturen gezet in handschrift, meestal bij het binden weggesneden, gedeeltelijk nog aanwezig.

60. Albertus Magnus praedicatorum ordinis, quondam Katisponensis

episcopus, Postilla in evangelium beati Johannis. S. 1. et a. f°.

Editio princeps van dezen commentaar. Gedr. door Johann Guldenschaff te Keulen c. 1477—1479 (zijn latere drukken hebben signaturen). 362 bladen, (het eerste, wit, ontbreekt) Goth. letter, 2 kolommen. Hain-Cop. 459, Proctor 1215, Cat. Br. Mus. 254, Pellechet 295.

Beginletters enz. in rood. Voorin een rijk versierde initiaal in blauw en wit met ornament in de marge. Op het laatste blad in ongeveer gelijktijdig schrift: „Sum Frederici Ghisberti. Omnibus omnia Deus",

Eigendom van de Remonstrantsche kerk.

61. Albertus Magnus, Postilla in evangelium beati Johannis. S.l. et a. f°.

Ander ex. van het sub no. 60 beschreven boek. Het eerste, witte blad is hier

gedeeltelijk bewaard. De signaturen zijn geheel onderaan de bladen geschreven, en door toeval hier

en daar door den binder gespaard. Beginletters in rood, verder zoo goed als geene rubriceering. Blauwe sober

versierde initiaal op het aanvangsblad. Op het eerste, witte blad in hs. (16e eeuw): „Albertus Magnus super Johannem.

In hoe volumine continentur Albertus Magnus super iohanneui. Glosa psal-

terii Johannis de Turrecremata. Liber parochialis ecclesie beate Marie

Sluiten