Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stateeren en het is dan niet raadzaam om de veranderingen, die de gangen van een tijdmeter ondergaan onafhankelijk van de temperatuurveranderingen evenredig te stellen aan den tijd.

Zoodra dus de invloed van den tijd klein genoeg geoordeeld wordt om dien te mogen verwaarloozen, of wel,-als de b zoo onregelmatig blijkt te veranderen dat er van invloed van den tijd geen sprake kan zijn, dan wordt de gemiddelde dagelijksche gang voorgesteld door de formule g=p-\-q(t—T)2 ...... (1).

Wenscht men echter rekening te houden met den invloed van den tijd, dan wordt de. gemiddelde dagelijksche gang, verbeterd voor den invloed van den tijd, voorgesteld door de formule g'=p + 6w 4- q(t—T)2 (2).

Uit de vergelijkingen (1) en (2) volgt g'=g-\-bn .... (3).

Heeft men door toepassing van formule (3) de gang voor den invloed van den tijd verbeterd, dan kan men weder gebruik maken van de oorspronkelijke formule g-=p + q(t— T)2, waarin dan echter in plaats van g, g" genomen moet worden.

Yoor een nauwkeurige bepaling van b zijn twee tijdvakken noodig met gelijke gemiddelde temperaturen (tot op 1° C. na bijv.) en die geruimen tijd uiteenliggen; bovendien mag gedurende elk tijdvak de temperatuur slechts weinig veranderlijk zijn geweest. De gemiddelde gang van het vroegere tijdvak algebraïsch afgetrokken van den gemiddelden gang van het latere tijdvak is dan = bn, waarin n het verloopen aantal dagen voorstelt tusschen de midden-datums van de twee tijdvakken.

Dit algebraïsch verschil gedeeld door n geeft natuurlijk de coëfficiënt b met het teeken dat hem toekomt.

Is op deze wijze b bepaald, dan dient men met behulp daarvan de waargenomen gangen der tijdvakken, die men voor de berekening van de formule wil gebruiken te corrigeeren. Daartoe herleidt men ze allen tot wat zij zouden geweest zijn indien zij waren waargenomen op den dag van vertrek naar zee.

Het is duidelijk dat men daartoe op elk dier gangen zooveel maal het bedrag van b met zijn teeken zal moeten toepassen als het aantal dagen bedraagt, dat de dag van vertrek later valt dan het midden van het tijdvak dat men beschouwt.

Om nu verder de waarden van p, q en T te bepalen, is het 't eenvoudigst als men kan beschikken over drie gemiddelde gangen g2, gx en g0 behoorende bij tijdvakken waarvan de gemiddelde temperaturen t2, tx en t0 veel uitéénloopen, terwijl gedurende elk afzonderlijk tijdvak de temperatuur niet veel afwisseling bijv. niet meer dan 2° vertoont. Als dan bovendien elk tijdvak ongeveer twee weken groot is, dan heeft men voldoende gegevens voor de drie volgende vergelijkingen:

g2=p + q(t2-T)* gl=p + q-[tl-Ty

Uit deze drie vergelijkingen met drie onbekenden kunnen dan p, q en T gemakkelijk berekend worden.

Sluiten