Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op deze wijze zou men dus, na twee waarnemingen op twee veel uiteenloopende breedten op. betrekkelijk eenvoudige wijze de beide samenstellende deelen van B kunnen bepalen. Als men echter bedenkt dat alle waarnemingen aan vrij groote onnauwkeurigheden onderhevig zijn ten gevolge van verschillende oorzaken zooals: mogelijke kleine helling van het schip, werking van remanent magnetisme, temperatuurverschil, dan is het duidelijk dat twee waarnemingen niet voldoende zullen zijn, al worden zij genomen op plaatsen die veel in breedte verschillen, maar dat het wenschelijk is om van veelvuldige waarnemingen gebruik te maken, wanneer men de beide deelen van B wil bepalen; dan alleen zal men mogen verwachten, dat het resultaat, uit het gemiddelde der waarnemingen verkregen, vrij zal wezen van groote onnauwkeurigheden.

In de „Zee" van 1890, blz. 233 werd door den Heer L. Roosenburg een grafische methode bekend gemaakt en met voorbeelden toegelicht, die door den Franschen Luitenant t/zee E. Perrin was voorgesteld om tot de splitsing te geraken van den coëfficiënt B uit meerdere waarnemingen op verschillende breedten; De Fransche Zeeofficier M. E. Guyoü vereenvoudigde deze methode en ging als volgt te werk:

Fig. 110 stelt een rechthoekig assenstelsel voor, waarin een vast punt M ligt, waarvan MD=b en OD = a, de coördinaten zijn. Trekt men door het punt M een willekeurige lijn FE, die een stuk OE=x van de X-as afsnijdt en een stuk OF=y van de F-as, dan heeft men:

OE: DE=. OF: MD of x : (x—d) = y : b

bx = xy—ay xy = ay-\-bx

l=a-+-

x y

Hieruit volgt dat wanneer een bundel verschillende lijnen door M wordt getrokken, die alle verschillende stukken x en y van de assen

afsnijden, voor al die lijhen de vergelijking —=1 juist zal zijn.

P' c' P' c'

In de vergelijking B = j^.-\--tgi stelt men—= ~ = b, en

voorts BH=x en Bcoti = y, dan is H—-^ en heeft men

li

BH= Y-Htgi

xzzzzaArbHtgi xy — ay-\-bx

x . a . b

x = a + bX-n—r- 1 =—H-

' ^ Bcott x y

, bx x = a-\

Sluiten