Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de altijd bekende gegiste breedte als derde gegeven het azimuth

van het hemellichaam berekend worden.

In Fig. 125 is TS — 90°—h, PS= 90°—d = A en PT=90°—b.

Zijn breedte en declinatie ongelijknamig, dan wordt PS= 90°+d=A.

In den pooldriehoek TPS is:

cos PS—cos PT cos TS+sinPTsin TScos T

cos A = sinb sin h-\-cosb cos h cos T

cos A — sin b sin h

cos 1 = 7 7

cos b cos n

, m cos A — sin b sin h cosT=2cos* V, r-1 dus 2 00.' % T**l+

1 * cos b cos h

2 cos V2 (b + fe+ A)cos Vg (6 + ft- A)

2 cos2 V» 1 — f t

'z cos o cos «

Stelt men 6 + A+A = 2£ dan is '/2(è + h + A) = £ en

t/2(6 + A-A) = e-A. ;

• • . „ cosecos(e—A)

Na substitutie is cos2 ÏL1 = t 7—

'e cos b cos h

„„ T yCOSSCO^--^

cos V» 1 =•+!/ 7 t—

1' — cos 0 cos »

Men gebruikt enkel het positieve teeken. Bij gebruik van het negatieve teeken wordt J/2 T stomp. T is dan derhalve een hoek in het 3e en 4e kwadrant en het aanvulsel tot 360° van T, die met het positieve teeken is berekend. Het azimuth is steeds gelijknamig met de breedte en Oost of West naar gelang het vóór of na de culminatie wordt waargenomen, dus naar gelang het hemellichaam rijst of daalt. De miswijzing vindt men door de miswijzende of kompaspeiling af te trekken van de berekende of ware peiling (zie blz. 46). Als men, van Noord uitgaande,. Oost 4- en West — noemt, ziet men of de miswijzing Oost (+) of West (—) is.

Voorbeeld.

7 Juli 18.., op 9°58'6" geg. Z.b. en 11°30' geg. W.L., des morgens te 7tt30m geg. W.T. a/b., het oog 5,6 M. b. w., is waargenomen (•) gem.h. = 15°29'30". Daarbij de © gepeild N 85° O. Gevraagd de deviatie, als de variatie 16° West is.

7 Juli eee. W.T. a/b = 7°30m V.M. 7 Juli 0* W.T. Gr. © d. = 22°34'32" N. 6 Juli „ „ „ = 19»30m -16",4X-3,7= + 1' 1"

geg.W.L.int.= 0n46m 0d22°35/33"

6 Juli geg. W.T. Gr. = 20°16m A = 112°85/33//

7 Juli „ =1 —3U,7

Sluiten