Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terwijl de zon gepeild werd N 87° O. Gevraagd de miswijzing van het kompas.

12 Juli W.T.a/b = 8» 5m178V.M. 12 JuliO»W.T.Gr.©d. = 21°57/57''N.

11 , , „ = 20" 5m17s —20w,99 X—2,8= 4- 59"

W.L. in tijd= 1° 6-° ©d. = 21°58'56"N.

11 Juli W.T.Gr. = 21ullm178

12 Juli „ „ = —2n,8

W.T.a/b =] 8" 5m178V.M. ' ©P= 3"54m438 l.sin= 9,93160 ©gem. h. = 36°39' d= 21°58'56" l.cos= 9,96722 Tafel V= + 11'9"

h= 36°50' 9" ^0=10.09671 0w.h. = 36°5O' 9"

sin T=sinP cosd sec h l. sin T= 9,99553

ï= 81°48'

Daar b en d gelijknamig zijn en d<ib, moet men onderzoeken of het azimuth stomp of scherp is. In Tafel XLIII vindt men bij 6 = 49° en tf = 22°, P = 4u38m als de zon in den lcn verticaal is. In het vraagstuk is P= 3"54m438. De zon is dus reeds door den len verticaal, de uurhoek is oostelijk, het azimuth derhalve stomp. Men heeft dus:

Ber. Azimuth = N 98° 12'O.

„ =+98°12' Gep. „ =+87°

Miswij zing=+ll°12/=ll°12'Oo8t.

3°. Berekening van het azimuth uit uurhoek en declinatie van het hemellichaam en breedte van de waarnemingsplaats.

Als men in den pooldriehoek TPS, Fig. 126, uit S een loodrechten boog SA neerlaat op TP, dan is in den boldriehoek APS:

tgAP — tgPScosP en AP = <pstellende,

tgCp — cotdcosP . . . (1)

Verder heeft men:

sinAT:sinAP=cotATS:cotP . . (d)

AT = AP—PT

AT—Cp—(90°—b) of AT = cp—90°Arb dus sin AT ==sin(b+Cp—90°)=—cos{b+cp). .

Deze waarde van sin AT in (d) gesubstitueerd, geeft —cos(b4-Cp): sin cp =—cot T: cot P.

cot T= cos (b 4- cp) cot P cosec cp . (2)

Bij de toepassing der formules (1) en (2), neme men de declinatie negatief, als breedte en declinatie -ongelijknamig zijn.

Voorbeeld.

'23 Februari 1896 op 142°30' geg. W.L. en 43°18'30// geg. N.b. wordt des voormiddags te 8u34m W.T.a/b. de zon gepeild N 95° O. Variatie = 20° Oost. Gevraagd de deviatie van het kompas.

Sluiten