Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ick koos een Meysijen aar dich

Van minnelijck gelaat Van leeven heel eerwaar dich

Van middelbare staat, Beleert en heus van praat Oprecht, vriendlijck en trou. Haar verwanten komen tusschen beiden, „Soo derf ick mijn vriendin." En hij eindigt dezen catalogus zijner ongelukkige liefden in luchthartigen toon: Wat kan hem het eigenlijk schelen; meisjes genoeg, verandering van spijs bevordert den „appetijt"; hij zal er ook nog wel eens een krygen. Maar welk een verslagenheid, welk een troostelooze ontmoediging klaagt uit tal van. andere verzen.

Uit deze periode, het voorjaar van 1617, dagteekent nu de Sfiaan-sohe Brabander, de hoogste uiting van zijn scheppingskracht. Daarna komt zijn laatste groote liefde, dié* voor Magdalena Stockmans, met wie hij in den winter van 1617-18 waattcbi^ilijk gereden heeft „op dé gheveegde banen." Aan 'haar vertelt hij' in een 7** J*1"»^ van zijn wild avontuur op een tocht naar Haarlem, dat wel mee de rechtstreeksche oorzaak was van zijn vroegen dood1: „Voorders laat ick u weten (doch ongaerne) dat lok zieck endle niet wel te pas en ben, vermits ick ongeluckigh «set dé sledé in 't ijs gebroocken en ick met hrijn lenden in 't water geseten hebbe: weer op ick, als ghy wel dtenokeri Ineught, dapper verkouwt géwordén ben, zodat ick nootzakelijke myn kamer bewaren moet, het welck my een onseggheHjck verdriet is, ten aensien dat ick daerdoor ben verbannen van mijn siels aengenaem gheselschap; en daer en boven soo quelt my dé schrikkelrjeke jalousye van dé bruynen Brabander, vresende door hem te verliezen het weynich dat ick aen u gewonnen hope, dies my dé uren daghen, de daghen Jaren ende de Nachten eeuwen duncken te wesen."

In Juni 1618 is de bruine Brabander, Isaac van der

Sluiten