Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die my daer mede geschiet is, en dé danckbaerheyt die ik haar hier over schuldigh hen, sal ick haar ter gelegentbeyt met een vriendtschap vergelden, die haar heugen sal. 'Want waarlyck alle suyverhertige en Edel-moedAge menschen sullen sich voortaen wachten yets geneugeMcx te laten uytgaan, nu de ongeoorloftheden soo groot zijn, dat men onder den deckmantel van yemandt anders sijn vuyligheydt uytstroyen mach;" stellen we verder vast, dat in den door hem zelf gegeven tekst menige situatie wordt geteekend, menigen regel gezongen wordt, die velen thans niet meer in hunne dagelijksche lectuur zouden dulden, dan voelen we het best, hoe de tijden zijn veranderd en dat de grenzen der betamelijkheid in Breero's dagen heel wat ruimer waren. Laat hij in denzelf den bundel Apollo zelf niet tot dié Nederlandsche Ionckbeydt zeggen:

Doch ghy, o Maagdekens, 'mocht wel vrypostich iesen Haar rijmkens so geschickt, dat ghy niet hoeft te vreesen Noch dorperheyt, noch schand, noch wisseling van

bloedt,

Ten sy se u de Min al prickelende doet.1S) De intrige, voor zoover daarvan dan sprake kan zijn, in den Spaanschen Brabander, is geen eigen vinding van Breero. Hij heeft gebruik gemaakt van den Spaanschen schelmenroman La'zarillo de Tormes, in 1525 geschreven, eerst 25 jaar later gedrukt en reeds in 1579 in het Hollandsch vertaald. 'Hierin worden de tragicomi'sche lotgevallen verteld van een bedelj ongen, die bij verschillende meesters in' dienst komt, o. a. ook bij een pralendën, maar straatarmen hidalgo. Dit laatste onderdeeltje heeft Breero voor zijn drama gebruikt en het valt niet te ontkennen, dat hij den gang van bet verhaaltje geheel heeft gevolgd, dat zijn woorden enkele malen geheel met den tekst van dien Spaanschen

") Werken, III, 201 en 208.

Sluiten