Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1990 Dat volkje dat moet voort, ik mag er niet op toeven: Het onkruit wast soo niet, als de godloose boeven. Daar is gisteren weer een Geus-Liedboek versprei t, Dat bitter schemt en schiet op onse Geestelijkheit, En op den iRoomschen Paus, met al wat in de staat is,

1995 Ja, op den Koning selfs, dat's crimen laesae Majes-

tatis.

Dit komt ons nergens van, als van dit snoot .gespuis, Het welk is uitgekipt te Hooren en 't Enchuys; Dat moet ik balen op, en ik meen 't te beloopen, iEer 't de boekebinders an Jan Alleman verkoopen. Geeraar t:

2000 Ai gouden Heerschip, komt en helpt mijn eerst voort. Jokannes Pilorum, om Gods wil, spreekt een woort!

Notaris: Mijn Heer Substituit, kan ik u niet bewegen, So doet 't om de man, want siet, hij is verlegen. Schout:

Dominus Notaris, wel, treet dan wakker aan. Geeraart:

2005 't Gelieft mijn Heer de Schout in 't midden dan te

gaan.

De buur en, B a 1 i c h, een tinne-gieter, Jasper, goutsmit, loost, Otje Diek-muy 1. Balich:

Wel, loosje mit je kroesje, wel, Jasper, sin je daar?

1990 Op toeoen - mee wachten.

1993 Schemt en schiet: schimpt en scheld.

199S Crimen etc: majesteitsschennis.

1997 Uitgekipt: uitgebroed. Hoorn en Enchuyzen waren de eerste steden die in het Noorden van Holland zich na den val van den Briel voor den Prins verklaarden.

1998 Ophalen: in beslagnemen. — Beloopen: te pakken te krijgen.

2000 Gouden: voortreffelijk.

2001 Spreekt een Woord: ondersteun toch mijn verzoek. 2003 Is: zit.

Sluiten