Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

o Gij dikke, weltevreden, welgezinde

snaartrompet, nooit .en zag ik of en hoorde ik uwe

vlerken, net lijk twee glazen ruitjes, daverende, 't zij

late of vroeg, of t was helder zomerweder, en de

zonne loech!

o Gij aardig dierken, 'k wou dat ik, zoo wel als

alle mensch, zoo gij schijnt te hebben, had mijn herte en

wille en wensch, en dat ge ons, al ronken in den mooien

zonneschijn, wist den weg te wijzen naar 't gestadig

blijde zijn!

Sluiten