Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ruimte moet goed verlicht kunnen worden, evenwel moeten de ramen met luiken worden gesloten, wanneer de zorg voor het graan dit vereischt.

Het transport geschiedt met een eenvoudige hef-inrichting, uit de hand gedreven; op groote bedrijven kan de windas ook electrisch worden gedreven. De luiken die boven elkaar liggen, worden beveiligd tegen ongelukken; het onderste luik mag nooit in een stalruimte uitmonden.

In eenvoudige gevallen geschiedt de afvoer over een uitgeholde glijdplank, die vanuit de dakkapel direct op den wagen rust.

De houten trappen die naar den zolder voeren, zijn altijd recht en vrij steil. Op luie trappen is zakken dragen te vermoeiend.

Om het graan te kunnen sorteeren, worden ook wel hokken gemaakt, met houten- of betonwanden, waarin alle hoeken afgerond.

Aardappelen, mangelwortelen, enz. kunnen 's winters buiten op hoopen doelmatig worden bewaard.

Moet eiken dag daarvan gevoederd worden, dan verhoogt het telkens openen de kansen op inregenen of bevriezen, en kan het aanbeveling verdienen om de veldproducten in kelders binnen de schuur te bewaren.

Zoo'n kelder dan, moet droog zijn en vochtvrij, en goed verlicht en geventileerd kunnen worden.

Heel dikwijls bouwt men den kelder in een van de vakken van de dorschschuur. Dikwijls het eerste of het laatste vak, want dan kan de kelder van buitenaf worden gevuld en is de kans op goede verlichting grooter. De vloer ligt 1 Meter beneden het terrein en de zoldering ongeveer 1 Meter daarboven en wordt met een gewelf of gewelfjes afgesloten.

De afmetingen hangen verder geheel van de behoeften af. De constructie verschilt niet van die van een gewonen kelder.

Vanaf den dorschvloer verleent een steenen trap toegang en hierover komen ook de producten naar boven. Nooit mag een luik toegang verleenen tot eenige stalruimte.

Een bijzondere voorziening eischen nog de schuren van Broek op Langendijk e.o., waarin de kool vorstvrij moet kunnen • worden bewaard (fig. 5a en b). Voor nadere bijzonderheden wordt evenwel verwezen naar het „Leerboek voor de Groenteteelt" van Claassen en Hazeloop.

Sluiten