Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boven den bodem te bevestigen, waardoor de koe weer korter aangebonden wordt, en bij het opstaan geen last van den halsketting heeft.

Ook kan nog elke koe tusschen twee aparte stalpalen staan, die dan van 0,50 tot 0,80 Meter uit elkaar blijven.

Wil men de touwen of kettingen missen», die; in geval van brand nog wel eens last" leveren, kan kunnen de Louden» beugels (fig. 8a, 86 en 8e) worden toegepast, die toch aan de koe nog een vrij groote vrijheid van beweging veroorlbvenv

Ook de Grabner hangkettingen zijn in dit opzicht aan te' caden.

De automatische ontkoppelaars> zooals die in het buitenland zijn toegepast, komen in ons land zelden voor.

In genoemde, oorspronkelijk Amerikaansche, Louden's stalinrichting staande koeien van elkaar gescheiden door een omgebogen pijp, die in den bodem is ingelaten (fig; 86). Deze scheiding is evenwel in ons land meest alleen gebruikelijk in Friesland, waar de koeien twee aan twee bij elkaar staan in vakken;, die door een houten schot van elkaar zijn gescheiden (fig. 9). Aanbeveling verdient dit niet omdat een koe bij liggen en opstaan dan meer ruimte noodig heeft, dan gebruikelijk zonder afscheiding, De bevestiging staat hiermede in nauw verband, waarover later nog meer.

Behalve knechtskamer, lokalen voor bewaring en bereiding van krachtvoer,, bergplaatsen voor hooi, stroo en bieten, die in de onmiddellijke nabijheid van den stal komen, evenals de melkkamer en het hok voor stalgereedschap, is het raadzaam om een ziekenstal aan te brengen. In geval van ziekte of geboorte, waarbij besmetting mogelijk of operatief ingrijpen noodzakelijk is, kan een ziekenstal-kraamkamer nuttig zijn. De veestapel hindert dan niet en ondervindt zelf geen hinder. Zulk een ruimte behoeft niet groot te zijn, krijgt een vlakken vloer en kan overigens voor verschillende andere doeleinden gebruikt worden.

In het belang van de hygiëne worden ook de koestaarten opgebonden, de staartlijnen schuiven met een ring over een touw of staaldraad, dat niet geheel strak staat, maar naar beneden kan worden getrokken wanneer een koe gaat liggen. Wordt het eene eind van den draad vastgezet, dan loopt het andere over een katrol aan het eind van de rij. Een tegenwicht zorgt dan dat de lijn opspringt wanneer de koeien gaan staan.

Er zijn in ons land vele typen van stalinrichtingen, waarvan de voornaamste besproken zullen worden. In Friesland (VII, fig. 1) is het gebruikelijk dat het vee met den kop naar den buitenmuur staat, meestal in een enkele rij. De voergang ontbreekt; alleen een houten trog of gemetselde drinkgoot loopt ervoor langs. Plaatselijk kan de goot verwijd zijn (fig. la), verder geheel door een plank bedekt, waarin een opening is uitgespaard om door te kunnen drinken. Spaarzaam is meestal de verlichting door het geringe aantal kleine vaste raampjes, vlak vóór de koeien aangebracht. De boven- en zijlichten aan het einde van den langen

Sluiten