Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wesen zyn opten thol van Geervliet ende andere domeynen ende bede inde requeste vermeit", opdat de zaak zoö mogelijk

— na overleg met de Staten — langs vriendschappelijken weg uit den weg zou kunnen worden geruimd 1).

21 November 1578 verklaarden de Staten zich, in antwoord op eene „doleantie van die van Amsterdam", handelend over de zelfde onderwerpen als het request aan den Prins, bereid aan „die van Amsterdam", de achterstallige renten op den tol van Geervliet, de domeinen, etc- te betalen van af St. Johannes 1576 2), op voorwaarde, dat de stad hun de namen van de renteniers zou overleveren. De Staten wenschten zich dus te regelen naar het bepaalde in art. 15 der Pacificatie van Gent.

Wat "de achterstalhge renten op het gemeene land van Holland betrof, van welke Amsterdam „betalinge, of ten minsten reductie" verzocht, zou de stedelijke regeering in handen van eene commissie van drie leden, waarvan o.a. de Amsterdammer Claes Boelens lid zou zijn, moeten overleveren „pertinente Verklaringe, Staet of Reeckeninge vande Imposten die geduyrende de voorlede Oorlogen zedert den

J) Archief Burgemeesters. Kerken en Kloosters: Request van de Regeering der stad aan de Staten van Holland, met appostille van den Prins, betreffende de goederen van het Oude Nonnen Convent en den tol van Geervliet, 1578.

— Het request zal door Burgemeester Baerdesen zelf aan den Prins overhandigd zijn. Hij reisde op bevel van de Vroedschap van de dagvaart in Den Haag naar Zijne Excellentie in Antwerpen, „om aldair te solliciteren betalinghe van het achterwesen dat dese stede an Zyne Majesteyt ten achteren is, zoo an verscoten penninghen, als ooc an gheypoteyckeerde renthen staende tot laste van de graefflycheyt van Holland." Res. Vr. No. 4, fol. 14 en v«: 22 Augustus 1578; Rap. v. thes. 1578 na de Alt., fol. 113 v°.

2) Art. 15 van de Pacificatie van Gent luidt: „Welverstaende, dat alle het gene datter gevallen is, soo wel vanden voorsz. Erfgoeden, Renten, als alle andere goeden, richten Sinte Jansmisse Anno 1576 lestleden, sal blyven ten profijte vanden genen hun recht hebbende, niet tegenstaende dat daer afby den Ontfanger vander Confiscatie ofte andere, yet ontfaen ofte geint ware, daer af in sulcken ghevalle restitutie geschieden sal." Groot-Placaetboeck I, kol. 6.

3) Res. St. v. Holl. 1578, bl. 38 en 39: 21 Nov. nam.

Sluiten