Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tig bestreden. Vermoedelijk zal Italië arieh echter aan deze mogelijkheid om den dans te ontspringen blijven vastklampen.

„Het eindresultaat is dus: Op hulp metterdaad van Italië zal men in een misschien ontstaand Europeesch conflict bezwaarlijk kunnen rekenen. Een rechtstreeks vijandelijke houding van Italië tegen Oostenrijk kan, voorzoover men de zaak thans kan overzien, door een verstandig optreden van Oostenrijk worden voorkomen."

Den 26sten rapporteert Flotow: „Markies di San Giuliano blijft mij verzekeren, dat het optreden van Oostenrijk voor Italië hoogst bedenkelijk is, aangezien Oostenrijk morgen wegens de irredenta op dezelfde wijze tegen Italië zou kunnen te werk gaan. Aan dergelijke stappen kan Italië derhalve zijn goedkeuring niet hechten. Blijkens vertrouwelijke berichten uit Boekarest was de koning van Boemenië van dezelfde meening, met het oog op de in Hongarije wonende Boemeniërs.

„Aan de verzekering van Oostenrijk, dat het op geen Servisch grondgebied aanspraak maakt, slaat de minister nog altijd geen geloof.... Weder zinspeelde de minister er op, dat Italië, als het geen vergoeding kreeg, gedwongen zou zijn. Oostenrijk in den weg te treden." .

Wie den wereldvrede werkelijk wilde dienen, moest Oostenrijk natuurlijk op het hart drukken, genoegen te nemen met het antwoord van Servië. In plaats daarvan drukte men Oostenrijk op het nart, zich met Italië te verstaan, om sterker te zijn als het tot een Europeesch conflict mocht komen. Naarmate dat waarschijnlijker werd, werden de raadgevingen aan Weenen dringender.

Den 26sten seint Bethmann Hollweg aan Tschirschky in Weenen:

Ook de chef van den generalen staf acht het dringend noodig, dat Italië in het Drievoudig Verbond blijft Het is derhalve noodzakelijk, dat Weenen zien met Eome verstaat. Weenen mag zich daaraan niet onttrekken met aan twijfel onderhevige uitleggingen van het verdrag, doch moet zijn besluiten nemen m overeenstemming met den ernst van den toestand.

Steeds dringender worden de aanmaningen. Den 27sten seint Jagow den gezant te Weenen:

Z M. de Keizer acht het onvoorwaardelijk geboden, dat Oostenrijk zich t ij d i g met Italië over art 7 en over vergoedingskwesties verstaat. Z. M. heeft utt-

Sluiten