Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te staan, zoodat zij met het slingeren van het schip zich niet zoo gemakkelijk verplaatsen kunnen. Ook voor de flesschen en glazen zijn toestelletjes aangebracht, zoodat men die dingen aan de latten vast kan klampen.

„Weet u waarom ze die leelijke latten op de tafel doen, mijnheer?" vraagt Miss Tony mij.

„Ik verwacht dat. er een storm in aantocht is, Miss Tony, en zonder die latten zou alles van de tafel afglijden."

„Een storm ? Onmogelijk ! De zee is veel te kalm." „Miss Tony, ik ben geen zeeman, maar daar gaat de kapitein, wij zullen hem ereis „ondervragen."

„Ja", antwoordt ons de gezagvoerder, „ik geloof dat de beruchte baai van Biscaye haren naam weer eer aan zal doen, het zal wel een natte overtocht zijn." - „Regen ? meent u dat ?"

„Neen, ik bedoel dat er wel wat zeewater over boord, zal komen."

„Maar," opper ik, „de natuur is zoo kalm, het lijkt volstrekt niet op een komenden storm."

„Ja, de zee is bladstil, maar het is de „stilte vóór den storm." Het weer bevalt mij in het geheel niet. Het is een „breeder." *)

„Kijk maar eens naar den horizon," vervolgde hij, er naar wijzende, „hoe donker het daar wordt."

„Hoe komt het, kapitein, dat de baai zoo'n slechten naam heeft, stormt het er dan zoo dikwijls?"

*) Broeier.

Sluiten