Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men op de „Twee Broeders" afsturen en dan het vaarwater nemen tusschen deze rotsen en de oostkust:.

Nu waren de „Twee Broeders" wel is waar hooge, maar afgeplatte rotsen, en daar er geen vuurtoren op was, waren zij in donkere nachten zoo moeielijk te zien, dat men er vaak tegen aan stoomde, voor dat men het wist.

Dit gebeurde ook met de „Prins Hendrik", en als ik mij niet vergis, in het jaar '72. Het was „heiig" en de kapitein v. O. waarschuwde den stuurman om goed op te letten, daar men naar zijn meening niet ver meer van de „Broeders" verwijderd kon zijn.

„Heiïg" is een zeemansterm, en hiermede bedoelt men een lange platte bank van nevel, die op de zee ligt, terwijl men boven den nevel weer heldere lucht heeft.

Vooral in het geval van de „Broeders" is „heiïg'' zeer gevaarlijk, daar deze rotsen, ofschoon wel 100 voet boog, zooals reeds gezegd, een afgeplatten top hebben en zich daardoor gemakkelijk in zoo'n nevelbank verschuilen kunnen.

Dit was nu ook het geval. Uit den nevel verschenen plotseling vlak voor den boeg gelijk zwarte spoken, de „Twee Broeders."

Oogenblikkelijk werd het roer overgegooid, maar het was reeds te laat. De „Prins Hendrik" schuurde langs de scherpe rotsen en zijn zijde werd opengereten.

Men had nog juist tijd om de booten uit te zetten, toen het schip vlak bij de rotsen op een diepte van

Sluiten