Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verschrikt opspringt. Het dek is in weinige oogenblikken bevolkt met heeren in pyjama's gekleed en bij de kajuitsdeuren verschijnen dames in shawls gewikkeld, die. op angstigen toon vragen, wat er toch aan de hand is.

Ja, dat weten de heeren ook niet, maar iets moet er toch gebeurd zijn, want de machine werkt niet meer en het schip gaat zachtjes met de golven op en neer. Het is toch merkwaardig hoe men aan alles went. In het begin van de reis konden de menschen niet slapen wegens bet gedurige dreunen van de machine en het trillen van de schroef, en nu worden zij plotseling wakker en kunnen niet slapen omdat de machine stilstaat.

De eerste officier loopt haastig over dek. Wij klampen hem aan. „Wat is er gebeurd? Is de machine stuk? Zitten we op een rots? Hebben wij een lek?" En eene oude dame jammert: „Och als de ketels maar niet in brand gevlogen zijn, ik heb het altijd wel gezegd — er komt nog eens een ongeluk met zoo'n stoomschip!"

Maar de officier weert ons driftig af en loopt door met de woorden: „Oh don't bother me now — go to bed again - (*) „Jawel," "denk ik bij mij zelf, naar bed gaan? dank je, hoor; ik blijf op om een oogje in het zeil te houden." En ieder passagier, in stilte overtuigd dat het heil van het schip van zijn waken afhangt, denkt evenals ik, en zoo blijven wij

(*) Val me nu niet lastig en ga nou weer stilletjes naar bed.

Sluiten