Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zij het antwoord van haar dienstbode. Zij had niemand met wie zij een vriendelijk woord kon wisselen, niemand kende haar verdriet.

Een onuitsprekelijk verlangen kwam in haar op naar haar kleine huis, tusschen de boomen aan den straatweg, en zij wist het nu, dat zij alleen daar voortaan nog zou kunnen leven.

Rosalie zond een brief met tweehonderd francs.

— Madame Jeanne, kom gauw terug, want meer geld stuur ik u niet. En als wij bericht krijgen van Monsieur Paul, zal ik zelf hem gaan opzoeken. Ik groet u. Uw dienstbode

Rosalie."

Jeanne ging terug naar Batteville op een regenachtigen, guren morgen.

XIV.

Zij verliet haar huis niet meer. Eiken morgen op hetzelfde uur stond zij op, keek naar buiten, welk weer het was en ging bij den haard in den salon zitten. Daar bleef zij heele dagen onafgebroken in de vlammen kijken, haar troostelooze gedachten den vrijen loop latende en berustend in de ellende van het leven.

Als het vuur in den haard begon te tanen, wierp zij een nieuw houtblok in den gloed, en zoo wachtte zij, totdat Rosalie de lamp kwam brengen en haar uit haar overpeinzingen wakker schudde.

Allerlei kinderachtige ideëen hechtten zich vast in haar zieke hersens en namen daar een gewichtige plaats in. Voortdurend leefde zij in het verleden; zij meende weer in haar kinderjaren terug te zijn, doorleefde nog eens haar huwelijksreis door Corsica. Dan herleefden voor haar blik de meest on-

Sluiten