Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 12.

Zij wil dat de Staat (voor zoover ontstentenis van veerkracht bij de burgerij hiertoe niet noodzaakt) het beginsel late varen, alsof de overheid geroepen zou zijn om van harentwege onderwijs te doen geven; voorkome dat de overheidsschool, voor zoover noodig, tot propaganda van godsdienstige of tegen den godsdienst gekeerde begrippen misbruikt worde; en alzoo aan alle burgers, onverschillig welke hunne godsdienstige of opvoedkundige zienswijze zij, in zake het onderwijs, gelijke rechten gunne. Haar devies blijft, dat de Vrije School regel moet zijn, en dat de Openbare School niet anders mag zijn dan aanvulling.

Voorts behoort het beginsel van vrijheid ook bij het^iddelbaaren Hooger Onderwijs tot verdere ontwikkeling te komen.

art. 13.

Van den Souverein wil zij, dat door eene onafhankelijke rechtspraak, die onder ieders bereik valle en in verband sta met het zedelijk rechtsbesef der natie, volgens wetten, die op de eeuwige rechtsbeginselen rusten, ie. beslissing uitga voor alle geschillen van partijen, zoowel' van burgerrechtelijken als van administratieven aard; ten 2e. vonnis kome tegen een iegelijk, die zich vergrijpt aan de gemeene orde der dingen; en ten 3e. dat voltrekking van straf aan den gevonniste volge, niet slechts om de maatschappij te beschermen of den overtreder te beteren, maar allereerst tot herstel van de geschonden gerechtigheid. Desnoods door de doodstraf, waartoe het recht in beginsel aan de Overheid toekomt.

Art. 14.

Op de Overheid, zoo oordeelt ze, rust de plicht om te waken voor de publieke eerbaarheid op den weg en in publieke plaatsen ; de gelegenheid tot het gebruik van sterkedrank te beperken; den

Sluiten