Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dat waren beide gewichtige uitspraken, waar de Grondwetsherziening door het derde ministerie-heemskerk in uitzicht was gesteld. En daarnaast werd de sociale wetgeving niet vergeten, de vervulling der belofte in deze werd aangevangen door aan mannen uit den kring van werkgevers en werklieden den raad hunner ervaring te vragen. Het toenmalige bestuur der Liberale Unie, overtuigd dat op het gebied der sociale politiek het zwaarte-/ punt van ons staatkundig beleid binnen kort liggen zou en liggen moest, en dat voor de oplossing dier vraagstukken der liberale partij eene hoogst aantrekkelijke werkzaamheid is weggelegd, vond de voorlichting in deze bij de H.H. Heldt, van Marken, Dr.

mouton, rommerts, de rot en D. W. stork.-

De Unie had positie genomen in de gewichtigste vraagstukken van den dag; ze kon thans aan het werk gaan om daarover „éénheid van willen" te verkrijgen.

II. 1886—1894

Met de ruimte, die ons door den uitgever is gegund, zal het niet mogelijk zijn in ons kort overzicht anders dan het voornaamste aan te stippen. Op 8 Mei 1886 verleende de vergadering bij acclamatie hare adhaesie aan de „inleiding tot de behandeling van eenige vraagstukken van sociale wetgeving". De samenhangende groep dier vraagstukken had betrekking op de opleiding van den 1 werkman; het preventief politietoezicht op fabrieken en werkplaatsen. in 't belang van veiligheid en gezondheid; de privaatrechterlijke verhouding tusschen werkgever en werkman, meer bijzonder de aansprakelijkheid voor ongelukken en de beperking der arbeidsvrijheid; coöperatie en participatie; de banken van leening; de verzekering voor verschillende doeleinden; de maatregelen tegen warenvervalsching; de zorg voor gezonde arbeiderswoningen; de .beslechting van geschillen en de vestiging van arbeidskamers. Tevens werd het Hoofdbestuur gemachtigd kleine geschriften over die onderwerpen uit te geven.

Ondertusschen was de Grondwetsherziening aan de orde gekomen. De Anti-revolutionairen en Katholieken hadden hunne medewerking geweigerd als art. 194 der Grondwet niet werd ge- / wijzigd. Aan deze oppositie kwam Minister Heemskerk tegemoet

Sluiten