Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

g. zij die bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak zijn veroordeeld wegens eene der overtredingen, genoemd in art. 4.26 en 4JJ van het Wetboek van Strafrecht, bij herhaling begaan (dronkenschap);

h. zij die bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak van hun kiesrecht zijn ontzet;

4°. dat in de uitoefening van het kiesrecht behooren te worden geschorst de kiezers, die krachtens de Wet van hunne vrijheid zijn beroofd zooals gevangenen, gegijzelden, verpleegden in Rijkswerkinrichtingen en verpleegden in krankzinnigengestichten;

v 50. dat met de invoering van het Algemeen Kiesrecht behoort gepaard te gaan: invoering van Stemplicht en van Evenredige Vertegenwoordiging (het laatste in dien zin, dat het Rijk in eenige groote districten wordt verdeeld en aan het stelsel van groepsvertegenwoordiging boven dat van persoonlijke vertegenwoordiging de voorkeur wordt gegeven); —

noodigt het Hoofdbestuur uit: voor eene kiesrechtregeling als boven aangegeven krachtig propaganda te maken.

In aansluiting met de aanneming dezer motie werd op het verkiezingsprogram voor 1909 het Algemeen Kiesrecht als eerste punt daarop gebracht.

Wij leggen hier de pen neder, niet zonder uitdrukkelijk er op te wijzen, dat het bovenstaande allerminst volledig is en evenmin op den naam van eene „geschiedenis der Liberale Unie" aanspraak kan maken. Wij hebben ons niet gerechtigd geacht, waar zoovele nog levenden bij het wel en wee der Unie betrokken zijn geweest, ook maar iets anders te geven, dan wat in het openbaar licht is voorgevallen. Men moet hier nu weer niet uit opmaken, dat er schrikkelijke dingen te verbergen zijn, maar de histoire intime van de Unie leert wel dat ook de politiek in ons kleine land door persoonlijken strijd is beïnvloed.

De idee waarmede de Liberale Unie is opgericht, nl. om de verdeelde liberalen weer tot elkaar te brengen, is, zooals wij in

Sluiten