Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

handhaven). Heilborn bespreekt nog eenige vragen die zich zouden kunnen voordoen, onder andere de vraag of een Vertragsgesetz dat volkenrechtelijk zijne werking heeft verloren (bijvoorbeeld door het verstrijken van den in het verdrag zelf gestelden termijn, of doordat gebruik is gemaakt van het bedongen recht van opzegging) vanzelf zijne werking „naar binnen" verliest, dan wel of in dat geval het Vertragsgesetz door eene wet moet worden buiten werking gesteld. Van een conflict tusschen volkenrecht en staatsrecht is hier geen sprake 1).

De vragen kunnen slechts dan ophouden moeilijkheden te geven wanneer öf de leer van prof. van Eysinga c.s. onomstootelijk vaststaat, öf de constitutie duidelijk bepaalt welken rang en welke werking de tractaten hebben.

FRANKRIJK 2).

36. De constitutie bestaat uit drie wetten, van 24 Februari, 25 Februari en 16 Juli 1875.

Artikel 8 van de loi cohstitutionnelle van 16 Juli luidt:

„Le Président de la République négocie et ratifie les traités.

11 en donne connaissance aux Chambres aussitót que 1'intérét et la sïireté de 1'Etat le permettent.

Les traités de paix, de commerce, les traités qui engagentles finances de 1'Etat, ceux qui sont relatifs a 1'état des personnes et au droit de propriété des Francais a 1'étranger ne sont définitifs qu' après avoir été votés par les deux Chambres.

Nulle cession, nul échange, nulle adjonction de territoire ne peut avoir lieu qu'en vertu d'une loi".

De toestemming van de beide Kamers, vereischt om de in de voorlaatste zinsnede genoemde categorieën van verdragen „definitief' te doen zijn, wordt geacht betrekking te hebben zoowel op de verbindende kracht van het verdrag tegenover de met Frankrijk contracteerende Staten, als op de werking van het verdrag tegenover ambtenaren en onderdanen 3). Niet alle verdragen over internationaal privaatrecht vallen onder de verdragen „qui sont relatifs a 1'état des personnes 4) et au droit de propriété des Francais a 1'étranger". Ofschoon de voorlaatste zinsnede van art. 8 eène limitatieve opsomming schijnt te geven van de verdragen die aan de toestemming der Kamers zgn onderworpen, en slechts een deel van het internationale privaatrecht daaronder schijnt te vallen, wordt

1) Heilborn, p. 185 en vlg.; cf. Laband, pag. 153—155; Laband meent dat de Keizer het Vertragsgesetz kan buiten werking stellen door het tractaat op te' zeggen en daardoor aan de wet haren volkenrechtelijken grondslag te ontnemen.

2) Lebon, DaB Staatsrecht der französischen Republik, pag. 46. (Handb. des Oeffentl. Rechte ed. 1886 IV. L 6).

Crandall, pag. 178 en vlg. Michon, pag. 199 en vlg.

3) Michon, pag. 199 en vlg. 4) Michon, pag. 270, 225.

Sluiten