Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wij Wilhelmina enz.

Gezien het verdrag betreffende het internationaal privaatrecht en het protocol tot aanvulling daarvan, gedagteekend 14 November 1896 en 22 Mei 1897, beide met vertaling in afdruk aan dit besluit gehecht en waarvan onderteekenaars zgn of waartoe zijn toegetreden de na te noemen Staten, te weten, behalve Nederland: (volgen de namen)

Gezien de wet van'31 December 1897 (Stbl. no. 275), Overwegende, dat alle bovengenoemde Staten meergenoemd verdrag en aanvullingsprotocol hebben bekrachtigd en dat hunne

akten van bekrachtiging te 's-Gravenhage zijn neder-

gelegd ;

Op de voordracht van Onzen Minister van Buitenlandsche Zaken enz;

Hebben goedgevonden en verstaan de bekendmaking te bevelen van meergenoemd verdrag en aanvullingsprotocol door plaatsing van het besluit in het Staatsblad.

(Volgt het verdrag en het aanvullingsprotocol, met vertaling).

De aangehaalde wet van 31 Dec. 1897 Stbl. 275 luidt: Wij Emma enz.

Alzoo wij in overweging genomen hebben dat het op 14 November 1896 te 's-Gravenhage gesloten verdrag tot het vaststellen van gemeenschappelijke regelen ten aanzien van sommige onderwerpen van internationaal privaatrecht op de burgerlijke rechtsvordering betrekking hebbende en het daarbij behoorend.... protocol, bepalingen inhouden, wettelijke rechten betreffende en die aan het Rijk geldelijke verplichtingen zullen opleggen;

Gelet enz.

Zoo is het enz.

Art. 1. Het nevens deze wet in afschrift gevoegd

verdrag en protocol.... worden goedgekeurd.

2 ... .

3

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden 1).

Het blijkt wel dat alle contracteerende Staten de ratificatieoorkonden hebben nederlegd op de in het verdrag aangewezen plaats 2) en dat aan de bepalingen van de Nederlandsche Grondwet is voldaan, maar in het Staatsblad waarin de ratificatie van het verdrag is bekend gemaakt ontbreekt het bevel tot naleving van het verdrag (cf. no. 13, 32).

1) Van die uitvoering kan volgens prof. van Eysinga geen sprake zijn (pag. 62).

2) van Eysinga, pag. 83: Een door een bepaald aantal staten gesloten tractaat kan eerst rechtskracht verkrijgen, nadat het door allen is bekrachtigd.

Sluiten