Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan der kinderen aanleg en deze bij overgang naar een hoogere klasse geen gewicht in de schaal leggen. Er wordt zooveel mogelijk gebruik gemaakt van den steun dien 't eene leervak aan het andere geeft. Het rekenen zij vrij van het „raadseltjes-oplossen". Er bestaat gelegenheid vanaf 't vierde schooljaar rechtlijnig teekenen te leeren. Handteekenen is eveneens een facultatief vak vanaf de vorige klasse. Zingen doen alleen zij, die er wat van terecht brengen. Dezen leeren later — misschien vallen er dan af — een instrument bespelen en krijgen ook de theorie der muziek. Het stellen wordt geleid in een zoo zuiver mogelijk weergeven der eigen gedachten. Zorgvuldig wordt er voor gewaakt, dat wat „in het boek" of „op het bord" staat, vrij van elke taalfout is: men kan dan zeker zijn, dat te eeniger tijd, soms zelfs voor een methodische behandeling der orthografische en andere taai-moeilijkheden, de gewoonte van 't zuiver schrijven ontstaat. In 't 3de of 4de leerjaar wordt met een vreemde taal begonnen, liefst Duitsch of Engelsch. Het onderwijs bepaalt zich tot spreken en naschrijven, in de volgende klassen wordt dit uitgebreid. De handenarbeid bewerkt in 't eerste en tweede jaar papier en klei, in 't derde bord en vezelachtig vlechtmateriaal, in 't vierde jaar hout en daarna hout en andere materialen. Aan de hand van dit onderwijs worden in de verschillende klassen enkele eigenschappen gevonden van driehoeken, veelhoeken en cirkels. Deze kennis der vlakke meetkunde wordt in de hoogste klasse geordend en uitgebreid.

Minstens twee middagen per week wordt gewandeld of gespeeld, lederen dag wordt een half uur of langer gesproken over koetjes en kalfjes. In alle klassen bestaan voor elk hoofdvak twee afdeelingen, terwijl bij den handenarbeid ieder kan doorgaan als het afgeleverde werk in orde is: voor de vluggen moet de gelegenheid open staan sneller vooruit te gaan. Als de eene afdeeling den onderwijzer in beslag neemt, maakt de ander schriftelijk werk. In de 5de klasse wordt met een tweede taal begonnen voor hen, die de eerste goed konden verwerken, in de hoogste twee klassen worden de hoofdbewerkingen met algebraïsche getallen geleerd. Huiswerk wordt niet opgegeven.

Deze lagere school zal niet zoo'n eenvoudig lesrooster hebben als de huidige, maar het is werkelijk toch wel voor elkaar te krijgen.

Sluiten