Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

spoorwegen en andere groote werken zn'n op touw gezet, die millioenen schats zullen vorderen met de havenwerken te Batavia, die alleen op eene uitgaaf van 20 millioen worden geraamd. De inspanning van al onze finantiele krachten zal gevorderd worden om hetgeen wij in diervoege ondernomen hebben ten einde te brengen.

Dit alles te zamen genomen, maakt den tegenwoordigen politieken en finantielen toesttnd van ernstigen aard, en gij, Mijne Heeren, zjjt als politieke mannen verpligt om daarop met al uw aandacht te letten. Ik zeg nog niet dat de toestand bedenkelijk is, maar hij is hoog ernstig. Wij, die geroepen zijn te waken voor de belangen der natie en voor die onzer nakomelingschap, wij mogen het oog niet sluiten voor dat een en ander en misschien vervoerd door ijver overgaan tot ligtvaardige maatregelen, die de toekomst meer en meer engageren.

Als ik alzoo het oog sla op hetgeen daarbuiten tusschen de groote • mogendheden voorvalt, dat in de gevolgen voor Nederland zoo allergewigtigst wezen kan, dan meen ik dat wij den toestand mogen vergelijken met een van gelijken aard in de natuur. Als het onweer opkomt, dan sluit men zijn venster en begeeft men zich niet noodeloos naar buiten. En als op zee de stormwind loeit, dan reeft de schipper het zeil, en die nog in de haven is, blijft daar vertoeven.

Dat is niet minder waar en raadzaam als in de politiek dergelijke teekenen zich vertoonen.

Wat stelt nu de Regering in die omstandigheden voor? Het eerste in de reeks der ontwerpen, dat hetwelk wij nu behandelen, strekt, wat men ook zegge om het te verbloemen, om in het vervolg geene Indische bijdrage aan het moederland meer uit te keeren.

Men scheppe zich daaromtrent geene illusien en late zich niet verblinden door schoone verzekeringen; het is gedaan met de batige saldos. En daarnevens stelt de Regering voor om den nakomeling te bezwaren met eene gevestigde schuld van 43 millioen, terwijl zij tevens de-natie gaat knellen met de hatelijkste van alle directe heffingen, die van het erfgoed van ouders en kinderen. .

Weegt nu tegen dat alles op de aanleg van spoorwegen hier en in Indië en wat verder wordt voorgesteld? Is het geen zaak een en ander tegenover elkander in de schaal te leggen en dien ijver, dat entrmnement te temperen? Moeten wij niet de zeilen reven en wachten tot kalmer dagen zijn aangebroken, tot de toekomst althans met eenige zekerheid kan worden ingezien, om daarna te beslissen, of wij zullen overgaan tot het brengen van zoodanige offers en tot het ondernemen van al die overigens zeer nuttige werken.

|k meen dat wij dit aan de natie verpligt zijn; dat de Vertegenwoordiging dank zal inoogsten wanneer zij dien voorzigtigen weg inslaat. Ik meen hier te mogen herhalen, wat ik vroeger der Regering aanried .

Sluiten