Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„De tegenwoordige directie heeft met toestemming van den trustee „reeds de vermoedelijke netto-opbrengst van het jaar 1904 besteed om „bruikbare goederenwagens aan te schaffen. Alsnu rest het aanschaffen „van zes personenwagens en een locomotief, die te zamen een uitgaaf van „ongeveer ƒ 36,000 vereischen.

„Op 31 December zal vermoedelijk nog ƒ 15,000 in kas zn'n. Dit „samen met de opbrengst van de obligatiën en aandeelen, die volgens het „reorganisatieplan ten verkoop beschikbaar zouden komen, is ongeveer „voldoende om die kosten te vereffenen.

„Uit de netto opbrengst van 1905 komen dan beschikbaar de gelden, „noodig voor de reorganisatie, voor voorziening in het noodige kasgeld „en voor betaling van de eerste coupon op de nieuwe schuldbrieven, waar„van de commissie zich voorstelt de rente op den lsten Juli 1905 te doen „ingaan,

„Het is de bedoeling der commissie, het bovenstaand reorganisatieplan aan de aandeelhouders in de Pasoeroean Stoomtram-maatschappij „voor te leggen. Hechten de aandeelhouders hun goedkeuring aan het plan, „dan zal de commissie ter definitieve goedkeuring een vergadering van „obligatiehouders trachten te beleggen, waarop drie vierden der schulddrieven vertegenwoordigd zijn.

„Mocht echter ons reorganisatieplan door de aandeelhouders worden „verworpen, dan zal de commissie den trustee verzoeken zijn macht te „gebruiken om tot de executie der maatschappij ten behoeve der schuld„briefhouders over te gaan".

Nadat het rapport was uitgebracht stelde Mr. Rochussen de vraag, wat wel een officier van justitie van deze zaak naar aanleiding van dit rapport zou zeggen?

De voorzitter wees erop, dat de commissie niet had te doen, wat des officiers van justitie is. Indien echter de justitie zich in deze zaak zou willen mengen, dan zal de commissie alle inlichtingen verstrekken. Spreker meende dat de justitie de onwettige feiten heeft op te sporen. Aan den heer Rochussen stelde hjj nog de vraag, of hn' een vervolging wilde voorstellen, waarop deze antwoordde, dat vervolging wenscheln'k was, echter niet thans, doch na de reorganisatie.

Aangezien de noodzakelijkheid bleek om rechtspersoonlijkheid aan te vragen werd de bovengenoemde commissie van 5 leden omgezet in een „Vereeniging tot behartiging der belangen van houders van obligaties ten „laste der Passoeroean Stoomtram Maatschappij", wier statuten (zie bijlage XXII) bij K. B. van 14 Februari 1905 werden goedgekeurd.

Het reorganisatieplan en de statutenwijziging der Pasoeroean Stoomtram Maatschappij werd in Januari door de directie aan de goedkeuring der aandeelhouders onderworpen. Deze toonden zich ongenegen mede te gaan met de voorstellen en bonden onder leiding van Mr. D. van Houten

Sluiten