Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28en Januari 1910 vroeg eindelijk de H. V. de heer L. E. Jacobs, om het rekest van 16 September 1906 maar buiten beschouwing te laten.

Den 7en Mei 1909 verzocht de H. V. der Ps S. M. de heer L. E. Jacobs bij brief „om het lijngedeelte Sengon—Alkmaar te mogen staken", het rekest dat dezen brief vergezelde, is als bijlage XXIIII opgenomen,

Den H. V. werd geantwoord, dat een tramwegonderneming geene vergunning behoefde aan te vragen om den dienst te staken. De sedert vervallen 2e alinea van art. 11 van het Alg. Tramweg Reglement (stbl. 1905 No. 516) sprak dat uit. Alleen schreef art 12 van dat Reglement naar de lezing in Stbl. 1909 No. 190 voor, dat de staking zoo tijdig mogelijk in de Javasche Courant en elders bekend gesteld moest worden. Echter de duur der staking stond den ondernemers niet vrij. De Algemeene Tramconcessievoorwaarden (stbl. 1905 no. 515) bepalen in art. 3, al 2 sub ƒ, dat de Gouverneur-Generaal een termijn stelt voor de hervatting. Aan den H. V. werd aangegeven wat hy verder te doen had.

De heer A. W. E. Weyerman, toenmaals Chef der 4e Afdeeling van de Oosterlynen van den Staat, had ondertusschen gerapporteerd, dat volgens de dienstregeling van Mei 1907 slechts 2 facultatieve treinen 23 en 24 op genoemd ljjnvak liepen en dat voorzoover bekend was die treinen nimmer gereden hadden. Op het emplacement Sengon der Ps S. M. was geen personeel aanwezig, op sommige plaatsen was de baan onzichtbaar onder het gras.

By Gouvernements Besluit van 14 October 1909 no. 14 werd de staking voor 2 jaar goedgekeurd; op een hernieuwd verzoek van de H. V. van 15 April 1911 werd by G. B. van 18 Mei 1911 no. 34 de datum van hervatting van den dienst gesteld uiterlijk op 23 Juli 1913; eindelijk bij G. B. van 14 Maart 1913 no. 39 op 23 Juli 1915.

Vóór een nieuw verzoek was ontvangen, werd echter by G. B. van 5 October 1914 no. 35 gunstig beschikt op een vraag der Ps S. M. van 8 Juni tevoren. In dit besluit werd gestipuleerd, dat de vergunning voor den aanleg en exploitatie van het ljjnvak Poerwosari-Sengon, verleend by G. B. van 22 September 1896 no. 18 ingetrokken werd met bepaling, dat het materiaal en de werken binnen 6 maanden moesten zyn opgeruimd.

Verminderde eenerzyds de kilometrische lengte van het net door opbreking van het ljjnvak Poerwosari (Alkmaar) — Sengon, waarop steeds met verlies gewerkt was, anderzijds was de lengte tot 46 K.M. vermeerderd doordat by G. B. van 19 December 1910 no. 2 concessie verleend werd voor een lyn voor goederenvervoer naar den linkeroever der Gembongrivier en by G. B. van 17 Juni 1911 no. 19 voor een lyn van Wa-

Sluiten