Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Indische Regeering wehschte echter niet dadelijk voorstellen aan den Minister te doen vóór de geldelijke consequenties overwogen waren; de de Directeur der B. O. W. toch had geen rekening gehouden met mogelijke inkrimping van den dienst der S.S. Tevens wenschte de Indische Regeering overwogen te zien of een wijziging van de positie van den Chef van den Dienst niet gewenscht was nu „de werkkring van dien „Hoofdambtenaar zich bepalen zal tot de leiding van en het toezicht op „den Dienst der Staatsspoorwegen en den wellicht spoedig afgeloopen „staatsaanleg" — het plan bestond n.1. om de lijn Tjitjalengka—Tjilatjap niet van staatswege te doen aanleggen (M. G. S. 16 Juli 1886 121|c geheim, eigenhandig).

Bjj schrijven van 8e Sept. 1886 No. 3662 gaf de heer Derx zijne zienswijze omtrent de wijzigingen in de formatie, welke het gevolg zouden zijn van de afscheiding van het toezicht en het staken der aanlegwerkzaamheden, Ten aanzien daarvan merkte de heer Derx o.m. het volgende op. S2)

„Vormden de aangelegde Staatsspoorwegen, na het gereedkomen van „de lijn Djokjokarfab—Tjilatjap, eene doorgaande lijn over Java, dan zou „het zeker de beste regeling zh'n om het geheel dier lijnen te vereenigen en „te stellen onder één hoofd-ambtenaar, die als Chef der Exploitatie van „het geheel optrad, als zoodanig in alle opzichten het beheer voerde en „bestuurder was van dien doorgaanden spoorweg en in die kwaliteit in „rechtstreeksche verhouding zou staan tot de Regeering of tot den Directeur der Burgerlijke Openbare Werken. Hn* zou dan geene Chefs der „Exploitatie onder zich hebben, doch, evenals elders bij groote spoorwegen, „„Chefs van dienst"", die ieder1 voor zich een der afdeelingen, waarin de „dienst verdeeld is, onder toezicht van den algemeenen Chef, zouden be„heeren, terwijl onder die Chefs van dienst de lijn zou worden verdeeld

32) Ten opzichte der bezoldiging van het hoofd van den dienst, schreef de heer Derx:

„Er is uitgegaan van het denkbeeld, dat wanneer alleen de exploitatie der „Staatsspoorwegen overblijft, de Chef van dien dienst niet meer de bezoldiging behoeft „te genieten, welke hem thans is toegekend. Het op den formatie-staat uitgetrokken „traktement is daarom gelijk gesteld aan dat van den Sous-Chef van den dienst der „staatsspoorwegen, volgens den formatie-staat van S^bl. 1878 No. 234. In vergelijking „met het vast traktement van den Hoofd-ingenieur op zijn bureau en dat van de „Chlofs der Exploitatie is deze bezoldiging evenals nu billijk, ofschoon toch opgemerkt „moet worden, dat met deze bezoldiging de betrekking van Chef der Exploitatie van „eene lijn met veel vervoer, geldelijk voordeeliger kan zijn, dan die van Chef van „den dienst, tengevolge van.het den Chefs der Exploitatie toegekend aandeel in de „netto-winst van % %.

„Ook in de vergelijking met de Hoofdingenieurs der 1ste klasse van den Waterstaat, die met ƒ 1500.— 's maands bezoldigd zijn, is eigenlijk de voorgestelde bezoldiging van ƒ HOO. ƒ 1500.— 'smaands niet billijk, doch met het oog op de

„tegenwoordige bezoldiging van den Sous-Chef heb ik gemeend daarvan niet te „moeten afwijken",.

Sluiten