Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„tramwegen, dat tot dusver — hoewel slechts in naam — door de ambtenaren van het stoomwezen waren uitgeoefend, behoudens wat de naleving van de bepalingen betreffende de locomotiefketels aangaat, onder „de bevelen van den directeur der burgerlijke openbare werken (sedert „1 Juli 1909 — zie hoofdstuk H — onder die van den directeur van gou„nementsbedrijven), opgedragen aan den hoofdinspecteur der spoor- en „tramwegdiensten, aan wien voor het dagelijksch toezicht de noodige „spoorwegopzieners zn'n toegevoegd. Voor een en ander zie men de Ord. „van 10 Maart 1909 (Ind. St. No. 190) en Gouv. Bt. 10 Maart 1909 No 6 „(Ind. St. No. 191). *)

„Bij Gouv. Bt. 29 April 1909 No. 6 (Ind. St. No. 258) is eene op 1 „Januari 1909 ingevoerde reorganisatie van den dienst der Staatsspoorwegen tot stand gekomen, waarbij o.m. de ambtenaren en beambten van „den aanleg en de opneming met die van de exploitatie tot één korps „zn'n vereenigd en de positie en de vooruitzichten van dat personeel zijn „verbeterd. Van de daarmede samenhangende vaststelling van bijzondere „voorwaarden vaar benoembaarheid tot betrekkingen bij dien dienst en „regelen betreffende de uitzending van dergelijk personeel uit Nederland „(Ind. St. 1909 No. 294) is reeds melding gemaakt in hoofdstuk N.

„Het algemeen reglement voor de spoorwegdiensten (Ind. St. 1895 „No. 300 en de sedert daarin gebrachte wijzigingen), het algemeen secundaire spoorwegreglement (Ind. St. 1902 No. 218 en de daarin gebrachte wijzigingen) en het algemeen tramwegreglement (Ind. St. 1905 „No. 516 en de daarin gebrachte wijzigingen) ondergingen, voor een „deel in verband met de hiervoor besproken scheiding van den dienst „der spoor- en tramwegen van dien van het stoomwezen, nadere wijzigingen en aanvullingen bij de Ordn. van 26 Jan. en 2 April 1909 (Ind. „St. Nos. 79 en 228), zoomede bij de reeds vermelde Ord. van 10 Maart „1909 (Ind. St. No. 190).

„De eerstgenoemde ordonnantie strekt tot aanvulling van de regelen „betreffende goederen, waarvan het vervoer verboden is of slechts onder „bijzondere voorwaarden wordt toegelaten. De Ord. van 2 April 1909 bevat in hoofdzaak de vaststelling van gewijzigde formulieren der vrachtbrieven voor vracht- en ijlgoed en van een nieuw formulier vrachtbrief „voor het vervoer van 's Lands goederen op crediet, zoomede bepalingen „betreffende de wijze van aflevering dier goederen. De in de derde plaats „genoemde ordonnantie brengt wijziging in de bepalingen betreffende de „opneming en goedkeuring van weg, werken, gebouwen en materieel, de „opening voor het algemeen verkeer, de hervatting van den dienst' na

*) „Ind Sfe 1909 No. 191 brengt tevens eene door de nieuwe regeling noodig „geworden wijziging in de voorwaarden waarop concessie kan worden verleend voor „den aanleg en de exploitatie van tramwegen met machinale beweegkracht, bestemd „voor algemeen verkeer in Nederlahdsch-Indië (Ind. St. 1905 No. 515, juncto 1907 „No. 447)".

Sluiten