Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarschuwde voortdurend tegen Oranje en zijn gevaarlijke plannen, die nog veel verder zouden reiken. En inderdaad „begon diens vriend en medestander Bergen in het najaar van 1562 reeds te verlangen, dat de bijeen te roepen Staten-Generaal ook zouden beraadslagen over de godsdienstzaken in het algemeen. Deze begonnen in de provinciën

aan de Fransche grenzen bij het openlijk optreden der calvinistische propaganda van de hierheen gevluchte Fransche uitgewekenen te Valenciennes, Doornik, Antwerpen en andere steden, bij de toenemende ontstem min g tegen de door de Inquisitie genomen maatregelen een ernstig karakter aan te nemen en tot oproerige ivolksbewegingen aanleiding te geven, vooral hij het steeds onverbiddelijker toepassen der plakkaten. Granvelle vreesde het ergste, als de Grooten zelf soms geweld zouden willen gebruiken.

Toen in Ocjtober 1562 te Frankfort de groote rijksdag plaats had, waar

Ferdinand's zoon Maxi- Johan van Glimes, markies van Bergen. miliaanRoomsch-Koning Naar een anonieme'schilderij in het Museum te Breslau.

moest worden, koos de

landvoogdes dan ook niet Oranje tot 's Konings vertegenwoordiger aldaar, doch Aerschot en trachtte Oranje en zijn zeer gematigden . medestander Mansfeld, beiden als rijksgraven tot bijwoning der vergadering gerechtigd, zelfs terug te>:houden vap deelneming aan dezen rijksdag. Maar beiden gingen toch en de gekwetste Oranje ver-

7

Sluiten