Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met gerechtvaardigden trots op zijn beleid van manoeuvreeren, waarmede hij Oranje had verhinderd eenig werkelijk succes te behalen.

Deze laatste was zeer terneergeslagen door de mislukking zijner plannen, waarvoor hij in Brabant „n'avoit trouvé ayde ny faveur de personne". Zijn crediet bij de Duitsche en Waalsche huursoldaten was verloren, zijn naam als krijgsman ernstig getroffen, zijn hoop op de Nederlanders zelf bitter teleurgesteld, zijn bezit en dat zijner vrienden en verwanten nutteloos opgeofferd.

Maar zijn leger stond nog in noordelijk Picardië en daartegenover in St. Quentin het kleine Fransche regeeringsleger onder De Cossé. In Frankrijk vreesde men ernstig, dat hij nog zou doorbreken naar Normandië en zich daar zou vereenigen met Condé's Hugenoten. De Cossé trachtte hem daarom te bewegen zonder strijd door NoordFrankrijk en Lotharingen naar Duitschland terug te keeren, waartoe koning Karei IX, die geen voldoend leger bezat om hem te weerstaan, hem gaarne gelegenheid zou schenken. Caspar van Schomberg, protestantsch Duitsch kolonel in Franschen dienst, kwam hem namens den Koning daartoe aanmanen. Oranje antwoordde dezen (3 Dec. 1568), dat hij volstrekt niet gekomen was met vijandelijke bedoelingen jegens koning Karei, maar alleen moest aandringen op godsdienstvrijheid voor „la vraye reiigion" in Frankrijk, waartoe hij gaarne zou willen medewerken. Na eènige onderhandeling verklaarde hij zich bereid zijn troepen naar Duitschland terug te voeren en vroeg daartoe het noodige -geld ten einde ze te kunnen afbetalen; met een 6000 ruiters zou hij daarna bereid zijn om in Franschen dienst te treden „a la gloire de Dieu en France". Hij trok met zijn zich reeds ontbindend leger, dat bij den naderenden wintertijd naar Duitschland terug wilde, inderdaad oostwaarts om zich met het overschot te kunnen voegen bij het leger van hertog Wolfgang van Paltz-Zweibrücken, dat van den Rijn de Hugenoten in zuidwestelijk Frankrijk zou komen helpen. Over Sissonne kwam hij voor Rheims én plunderde het deerlijk. Vlak bij die stad, te Beaumont, stierf Hoogstraten n Dec. aan zijn wonden. Hij stierf'als katholiek, wat hij gebleven was. Later werd beweerd, dat de Prins getracht had hem op zijn sterfbed nog te bekeeren maar dat Hoogstraten had geweigerd behalve zijn goed en zijn eer ook nog zijn ziel voor Oranje op te offeren. Oranje rukte dan naar Bar-le-Duc en verliet ook die stad 21 December om daarna dwars door Lotharingen

Sluiten