Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over de klassen. Het onderwijs moet ten minste de vakken omvatten bij de wet aangegeven in art. 2 onder a—k, tenzij, wat vak k betreft, blijke, dat de schoolgaande kinderen daarin elders voldoende onderwijs ontvangen. Het moet ten minste 22 uren per week worden gegeven, waarvan ten hoogste twee uren in het vak, vermeld onder k van artikel 2. Het leerplan moet voorts het aantal uren aanwijzen, dat besteed zal worden aan elk vak afzonderlijk, alsmede het aantal leerjaren voor elk vak en de verdeeling der leerstof over de verschillende leerjaren, zoodat een voldoend en regelmatig voortschrijdend onderwijs in die vakken wordt verkregen. Indien de schoolopziener van oordeel is, dat het leerplan niet voldoet aan de wettelijke vereischten en het schoolbestuur weigert het te wijzigen, kan hij den onderwijsraad verzoeken dit uit te maken. BH de beoordeeling van het leerplan komt de richting van het onderwijs niet in aanmerking.

Terecht kan de commissie in de memorie van toelichting dan ook schrijven:

„Ten einde, waar mogelijk, de gelijkstelling te bevorderen van de eischen, aan de deugdelijkheid van het openbaar en het bijzonder onderwijs te stellen, is de omschrijving van het leerplan voor de bijzondere school, welke in art. 59 wordt ingevoegd en hieronder wordt toegelicht, ook voor het openbaar onderwijs opgenomen. Men vindt de omschrijving in het nieuwe voorgestelde tweede lid van art. 21; zij wijkt in geen anderen zin van de bij het bijzonder onderwijs gekozen formuleering af, dan door den aard van het openbaar onderwijs wordt geboden. Het bestaande tweede lid kent een beroep op den Minister toe; daaraan is thans toegevoegd, dat de onderwijsraad gehoord moet worden".

Die onderwijsraad zal in zijn samenstelling weer de waarborg van onpartijdigheid moeten geven.

Art. 1 van het ontwerp der Pacificatiecommissie bepaalt dat in Titel I der wet tot regeling van het lager onderwijs na de woorden „Algemeene Bepalingen" een nieuw artikel wordt ingevoegd, luidende als volgt:

Artikel I. 1. Er is een onderwijsraad, bestaande uit negen leden. De voorzitter en de overige leden worden door ons benoemd en ontslagen.

2. De Raad geeft ter zake van het bij deze wet geregeld onderwijs advies aan onzen Minister, met de uitvoering van

Sluiten