Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelegen van Regenten om hun werkkring uit te breiden. Met de weinige middelen die hun daartoe ten dienste stonden, hebben zij gedaan wat ze konden.

Naar mate echter het tijdstip naderde, waarop de rente van het legaat Gosselin zou vrijkomen, werden in de Vergadering van Regenten meermalen de plannen • besproken om meerdere uitbreiding te geven aan het arbeidsveld der Stichting, en dat wel volgens het denkbeeld van haren vroegeren Voorzitter Br. A. M. Maas Geesteranus, ontwikkeld in het jaarverslag van 1899.

Daar de middelen om hunne plannen te verwezenlijken, ook mèt de rente van het legaat Gosselin zeer beperkt bleven, besloten Regenten met de uiterste voorzichtigheid te werk te gaan. Aanvankelijk kwamen zij Weduwen, die voor hare kinderen opname verzochten in de Stichting, indien aan die aanvragen niet dadelijk kon worden voldaan, te gemoet in de kosten van de opvoeding, door een gedeelte dier kosten voor rekening van de Stichting te nemen, en de kinderen te laten verblijven onder moeder's •vleugelen, in de meeste gevallen de beste vorm van gezinsverpleging die men zich denken kan.

Die plannen, zijn zooals in het verslag van 1918, elders in dit werk afgedrukt, is vermeld, uitgevoerd in twee gevallen, aanvankelijk met het gewenschte succes.

Ook wordt aan een viertal Oud-pupillen, thans extern, eene subsidie verleend ter voltooiing hunner studiën.

Naar mate de geldmiddelen hen daartoe in staat stellen, zullen Regenten in dien geest werkzaam blijven, en hun arbeidsveld uitbreiden ten bate van kinderen van Brs. het E O. ingegaan.

Maar zooals gezegd, steeds zal door hen in het oog worden gehouden, geen stappen te doen tot verdere uitbreiding, indien zij er niet van overtuigd zijn, dat de metalen daartoe vereischt, aanwezig zijn, opdat de kinderen in de Stichting opgenomen, geen schade zullen lijden.

Den 11 en November 1917 werd in de Stichting eene vergadering gehouden met de Brs. Correspondenten, in hoofdzaak ter bespreking van de moeilijke omstandigheden waarin de Stichting verkeerde, tengevolge van den oorlog, waarvan ook in onze inrichting de gevolgen maar al te zeer werden gevoeld.

De woorden daar gesproken, o.a. door onzen Br. Directeur, die een nitvoerig verslag gaf van het bedrijf in de Stichting en van de kosten daaraan verbonden zijn blijkbaar in goede aarde gevallen. Op die vergadering is opnieuw gebleken dat een woord, gesproken uit het hart, steeds in andere harten weerklank vindt. Hulp is er gekomen van alle kanten zelfs boven verwachting, die ons in staat stelde het werk in de Stichting ongestoord voort te laten gaan tot op dezen dag.

In korte trekken is hier weergegeven hetgeen in een tijdsverloop van eene halve eeuw in de Stichting is geschied, door haar is gedaan in het belang van de aan hare zorgen toevertrouwde kinderen.

Als aan alle menschenwerk, zullen ook aan het werk der Stichting fouten kleven , maar het stemt Regenten en Directie dankbaar, dat bij de Leden der Orde, de Stichting een telkens grooter plaats inneemt ; dat de belangstelling in haar

Sluiten