Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nu vul die vaas met gele Octoberrozen, Leg blauwe druiven op die blanke schaal, Tusschen de trossen laat de perzik blozen Als avondrood, en loof als bloedkoraal Van wilden wingerd blij mijn blik verpoozen, Die symphonieën zoekt in kleurentaal.

hélène SWARTH.

Voorts: Jaargetijden: Staring's Winter; Beets' Najaars-mgmering; Van Nouhuys' December-dagen; Hélène Swarth's Zomerdag. Dag en nacht: Poot's Een schoone dag; Zomersche Avond; Nacht; Van Eeden's Schemering. Natuurverschijnselen: Richepin's La Neige; Verlaine's Soleils Couchants; Gezelle's De Wilde Wind; Hélène Swarth's Lentewind. Bloemen: Moore's Last rose of summer; Wordsworth en Burns' gedichten To the daisy. Dieren: Wordsworth's To the cuckoo; Shelley's To a skylark; Van Eeden's Hei-Leeuwerik. Landbouwwerk: Staring's Oogstlied; Winkler Prins' Maaiers. Vgl. overigens de werken van Esser, Gorter, Eichendorff, Heine, Aicard e. a.

z'. Klank- en rhythme-symboliek.

dan stapt hij (de paus) op 't gebrom,

Het grof gebrom» der domklocke, uit den Dom Van 't om end' om befaemde en roemrijck Rome.

Vondel.

88. Uitvaart.

Befloersde trom Noch rouwgebrom Ga romm'lende om Voor mijn gebeente; Geen klokgebom Uit hollen Dom Roep 't wellekom In 't grafgesteente; Geen dichte drom Volg' stroef en stom ; Festoen noch blom

Van krepgefrom Om 't lijk, yermomm' Mijn schaamle kleente I Mijn jaartal klom Tot volle som, Mijn oog verglom; En de ouderdom Roept blind en krom Ter doodsgemeente.

BlLDERDIJK.

Sluiten