Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doch men ziet dikwijls gebeuren, dat de jonge overgebleven aanplant gaat kwijnen; •zij zijn „geschrokken", zooals men dit noemt.

Reeds vroeger in 1911 schreef ik hierover, en deelde toen mede, dat het beter is de door ziekten ontstane hiaten eenigen tijd vrij van kina te laten en een groenen bemester aan te brengen. Gedurende dien tijd heeft de grond gelegenheid zich geheel te restaureeren, zoodat, wanneer de geheele tuin voor rooiing in aanmerking komt, de daarin geplaatste planten weer gezond zullen opgroeien.

In het jaarverslag 1915 der Gouvts Kina-onderneming wordt van dit systeem het volgende gezegd: „een schaduwzijde is wel, dat de zaailingplantsoenen, speciaal op minder goede gronden, hoe langer hoe meer worden omgezet in entenplantsoenen. Opvallend duidelijk is deze omzetting b.v. in sommige tuinen op Poendjak Gedeh, waar door wortelziekte veel sterfte onder de zaailingen is geweest. . Ook krijgen de oudere plantsoenen op den duur bij toepassing? van dit systeem een zeer onregelmatig aanzien. Tegenover dezebezwaren staat de ervaring (?) dat door toepassing van deze methode een zeer gunstige opbrengst verkregen wordt aan zw^ kinine per bouw. Of evenwel dit systeem op den duur het best voldoen zal, en of niet speciaal voor herbeplantingen en minderwaardige gronden inboeting der open plekken met geschikte Leguminosen de voorkeur verdient, werd nog niet door zuiver vergelijkende proeven nagegaan."

Sluiten