Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en gestadig, zoo in elkaar grijpend, dat de kwestie, welke sfeer nu wel eigenlijk de voornaamste is, ijdel en klein schijnt, bij het feit dier wisselwerking zelf en hare beteekenis voor elke beweging.

De geschiedenis van het verleden, van ons heden, zijn doortrokken van dezen tweevoudigen invloed; wij staan nu als eertijds voor oorzaken en gevolgen van stoffelijke eh geestelijke gebeurtenissen, d. w. z. van feiten voorgevallen in 's menschen innerlijk en uiterlijk bestaan beiden. Het groeien der intelligentie heeft geleid niet enkel tot meerdere heerschappij over de stof, opwoelend de grondslagen der maatschappij, maar evenzeer tot een onafhankelijkheids-bewustzijn van den geest, beroerend het zieleleven binnen in ons.

De ingeboren zucht naar waarheid bevorderde meer en meer een kritisch onderzoek, dat primitieve geloovigen ondermijnde. Alom ontstond onrust en gisting; louter ontkenning schrikte af. Na veel verwerpen en afbreken kwam een verlangen op tot de verwezenlijking eener voorgevoelde mogelijkheid van opnieuw erkennen en herscheppen. Uit de oneindige stof van gegevens ontdekt en aan 't licht gebracht door de nieuwere wetenschap, moest weder gekozen en geformeerd worden.

Een hooger bewustzijn is ontwaakt en daarmede het gevoel van verantwoordelijkheid voor eigen leven en dat van natuurgenooten. Zoo formuleert zich, wat heden ten dage zoo velen bezielt in een: „Het leven is ons, wij moeten er van maken wat wij kunnen". Die leuze echter, onze tegenwoordige maatschappij geeft er een fraai voorbeeld van, leidt zonder hooge opvatting en edele doeleinden tot niets dan eene onmenschelijke zelfzucht, tot een aanbidding der materie, tot éen onmatige verheffing van enkelen, ten koste van- allen.

De best aangelegde naturen, den goedgezinden, den begaafden zelfs ontbreekt dikwijls het inzicht en de kracht om een uitweg te vinden.

„Het is ons" zooals de Fransche dichter-wijsgeer J. M. Guyau zoo welsprekend uitroept, „als staan wij op het dek van een groot „schip, waarvan het roer door de golven is weggeslagen. Geen „hand leidt ons, geen oog ziet uit voor ons. Reeds lang geleden „is het roer gebroken of liever, er bestond nooit een eigenlijk „roer; het is aan ons er een te maken. Het is een groote taak,

Sluiten