Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor de toepassing van de Vuurwapenwet 1919, maar omdat het valt onder de omschrijving, welke de z.g. Wapenwet x) van wapenen geeft. Veelal zullen echter onderdeelen van vuurwapenen niet zijn wapenen, laat staan vuurwapenen, volgens de z.g. Wapenwet. Een losse grendel van een geweer b.v. is, hoezeer een vuurwapen voor de toepassing van de Vuurwapenwet 1919, toch geen wapen in den zin van de z.g. Wapenwet.

Men lette er in dit verband op, dat de z.g. Wapenwet enkel verbiedt het bij zich hebben op den openbaren weg of op eenige voor het publiek toegankelijke plaats van wapenen. Van andere voorwerpen, niet-wapenen, verbiedt zij het dragen niet. Onderdeelen van een vuurwapen, welke zelf niet zijn wapenen, mag men derhalve op den openbaren weg of op eenige voor het publiek toegankelijke plaats vrijelijk bij zich hebben, ook al zijn het vuurwapenen voor de toepassing van de Vuurwapenwet 1919. Men behoeft ze niet in te pakken en er evenmin overeenkomstig artikel 3 onder 7°. der z.g. Wapenwet, gelijk dat is gewijzigd bij artikel 17 der Vuurwapenwet 1919, een geleibiljet voor aan te vragen. En dit is ook logisch. Immers de gevaren, welke de z.g. Wapenwet wil keeren, vloeien voort uit het dragen van wapenen op den openbaren weg of op eenige voor het publiek toegankelijke plaats.

Mocht het gewenscht blijken het vervoer van vuurwapenen in den zin van de Vuurwapenwet 1919 nog aan meer beperkingen te onderwerpen dan uit artikel 3 onder 7°. der z.g. Wapenwet voortvloeien, dan geeft artikel 2 van eerstgenoemde wet daartoe de gelegenheid. Het Vuurwapenreglement 2) houdt intusschen aanvankelijk slechts in een verbod van het vervoer van bommen, handgranaten, enz. en van onderdeelen daarvan, niet van vuurwapenen in het algemeen.

Onderdeelen

5. Bij „onderdeelen van munitie" (no. 3 van het eerste lid) is mU * te denken aan slaghoedjes, hulzen, enz. „Buskruit, enz. is natuurlijk op zich zelf nog geen onderdeel van munitie" (Memorie van Antwoord).

Met betrekking tot de vraag, onder welke voorwaarden eene stof of een voorwerp als onderdeel van munitie is aan te merken, vergelijke men hierboven aanteekening 3. Buskruit, enz. kan op een gegeven oogenblik voor onderdeel van munitie worden bestemd. De enkele, niet uiterlijk herkenbare, bestemming acht ik ook hier niet voldoende.

1) Artikel 1, tweede lid.

2) Artikel 3.

Sluiten