Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 12.

Hij, die een verbod, bij of krachtens deze wet gesteld, overtreedt, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van ten hoogste twee duizend gulden. Indien echter, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, eenig voorwerp, met betrekking tot hetwelk het feit wordt begaan, is eene bom, eene handgranaat of een dergelijk voor ontploffing of voor het verspreiden van verstikkende of vergiftige gassen bestemd wapen, een vlammenwerper, een kanon, een machinegeweer of een onderdeel van een dier vuurwapenen, wordt gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van hoogste zes duizend gulden opgelegd.

Overtreding van de artikelen 4 of 7, tweede lid, of het niet nakomen van een bevel, als bedoeld bij artikel 9, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van ten hoogste twee duizend gulden. , De voorwerpen, door middel van het feit verkregen, of waar¬

mede of met betrekking tot welke het feit is begaan, kunnen worden verbeurd verklaard. De vernietiging of onbruikbaarmaking van die voorwerpen kan in het vonnis worden gelast.

De bij deze wet strafbaar gestelde feiten worden, indien daarop mede gevangenisstraf is gesteld, als misdrijven en overigens als overtredingen aangemerkt.

strafbare i. Heeft iemand eene bom, eene handgranaat, enz. ingevoerd, betokktag uitgevoerd, doorgevoerd of vervoerd, voorhanden of afgeleverd, trt bommen, ^^j^ naar n}j weet Gf redelijkerwijs moet vermoeden, het voorwerp, met betrekking tot hetwelk het feit is begaan, is eene bom, eene handgranaat, enz., dan vloeit uit dit artikel, in verband met artikel 2 of artikel 3 van het Vuurwapenreglement of met artikel 5 of artikel 6 dezer wet, voort, dat hij wegens misdrijf met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van ten hoogste zes duizend gulden kan worden gestraft x). Indien echter het weten of redelijkerwijs vermoeden van den aard van het voorwerp bij den dader ontbreekt, kan hij slechts worden gestraft wegens overtreding met de in den aanhef van het artikel genoemde straf.

verbeurd- 2. Het derde lid maakt verbeurdverklaring mogelijk, onverschillig Terkiaring. ^ ^e scjlui<jige al dan niet eigenaar der voorwerpen is. Blijkens het Voorloopig Verslag der Tweede Kamer werd dit door sommige leden betreurd en op het maken van eene onderscheiding aangedrongen. De Memorie van Antwoord vermeldt daaromtrent het volgende:

1) Preventieve hechtenis is dus mogelijk (art. 86 van het Wetboek van Strafvordering).

Sluiten