Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In het najaar van 1914 keerde ik uit Japan in Nederland terug en werd terstond bij mijn thuiskomst met de wonderlijkste vragen en verhalen overvallen: — men wilde weten of ik Japan verlaten had, omdat ook ik vreesde, dat wij weldra met dit land in oorlog zouden zijn, men begreep niet, hoe ik als Hollander het gewaagd had twee maanden aan boord eener Japansche mailboot te reizen, men wees mij allerlei dwaze courantenberichten uit Indië en deed mij de zotste verhalen over de vermeende plannen der Japanners ten opzichte van onze koloniën.

Deze onheilspellende berichten troffen mij als een donderslag uit een onbewolkten hemel: — ik had vele jaren in Japan doorgebracht, had er tusschen de Japanners gewoond en had verkeerd met lieden van alle standen en nimmer was mij van wie ook iets gebleken van vijandschap of kwade bedoelingen tegen ons land, integendeel wanneer ik als vreemdeling mededeelde een Hollander te zijn was dit voor mij steeds een goede introductie geweest en veranderde de koele hooghartigheid, waarmede de Japanners van stand ons buitenlanders veelal bejegenen, dikwijls in de warmste sympathie.

Zou ik mij dus al die jaren in de Japanners bedrogen hebben, zouden zij mij dan al dien tijd bij den neus gehad hebben en werkelijk zoo raadselachtig zijn als men hier steeds van hen denkt? Ik voor mij had hen evenmin raadselachtig gevonden als mijn eigen landgenooten, ik had steeds gemeend hen te kunnen begrijpen en beoordeelen. Zou dit alles nu vergissing geweest zijn ? Ik kon het niet gelooven eri sprak zulke praatjes, waar zij mij ter oore kwamen onmiddellijk tegen en de 'gebeurtenissen bevestigden mijn inzichten. De jaren 1914 en 1915 verliepen, zonder dat Japan zich ook maar in eenig opzicht tegenover Ned. Indië misdroeg; de zoo gevreesde expeditie bleef uit, zelfs in oogenblikken, toen daarvoor wel een reden te vinden ware geweest, bijvoorbeeld toen de Duitsche kruiser Emden zich in de Indische zeeën ophield en het onjuiste bericht in Japan werd verspreid, dat dit schip door de Nederlanders van proviand en kolen werd voorzien.

Het uitblijven van alle vijandelijkheden en chicanes kalmeerde

Sluiten