Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nederland. Hoe het zij, Takekoshi is nimmer Minister geweest en de invloed, dien men hem als zoodanig heeft toegekend heeft hij dus ook niet. .Wel is hij Kamerlid, maar dit geeft in Japan geenszins een brevet van invloed en betrouwbaarheid en bovendien, ook in ons land komt het wel voor, dat Kamerleden zich vergeten in hun gedrag ten opzichte van met ons bevriende Mogendheden.

U zult wel begrijpen, dat toen ik eenmaal mijn fout had ontdekt, ik nog verdere inlichtingen over Takekoshi ben gaan inwinnen en ik kan U omtrent hem thans het volgende mededeelen. Hij is als Kamerlid, journalist, redenaar en schrijver over koloniale aangelegenheden in Japan niet onbekend, heeft bij het meerendeel der oudere en wijzere staatslieden geen invloed, doch valt bij een groep van jongere Japanners wel in den smaak om zijn excentriciteiten. Toen bijvoorbeeld twee jaar geleden bij de troonsbestijging van den nieuwen Keizer vele Kamerleden gedecoreerd werden, weigerde hij de decoratie te aanvaarden en verwekte daarmede veel sensatie, zoodat zijn naam in 'geheel Japan bekend werd, want iets dergelijks zal daar welhaast nimmer nog voorgekomen zijn.

Deze Takekoshi nu is de geestelijke vader van de gedachte, dat zijn land zich in de richting der Zuidzee-eilanden moet uitbreiden. Ongeveer acht jaar geleden, maakte hij een reis door Java, het Maleische Schiereiland, Birma, Cochinchina, de Philippijnen en Formosa en schreef toen een boek getiteld „Nankokuki", d.w.z. beschrijying der Zuidelijke landen. Hierin betoogde hij, dat de toenmaals en ook thans nog door de Japansche Regeering gevolgde politiek van expansie op het vasteland van Azië onjuist is en dat in plaats van den blik te richten naar Korea en China het beter ware alle aandacht te wijden aan de eilanden in den Indischen Oceaan. Hij wees er op, dat Engeland nimmer tot bloei is gekomen zoolang het belangen had op het vasteland van Europa, maar dat het pas een groote rol is gaan spelen, nadat het deze continentale politiek had opgegeven en er zich op had toegelegd een groote koloniale en zee-mogendheid te worden. Ik behoef U wel niet te zeggen, dat het een zeer zwak

Sluiten