Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan, en voelt ei om zoo te zeggen de geheele oppervlakte van af. Dit alles geeft zintuigelijke gewaarwordingen, die door de desbetreffende zenuwen naar bepaalde hersengedeelten worden voortgeleid. Nooit ontstaat er slechts één gewaarwording tegelijk; een beweging van een vinger, bv. over een beentje, geeft tastgewaarwordingen uit de huid, gewaarwordingen uit spieren en gewrichten etc. De prikkels, die op die wijze in de daarvoor bestemde hersencellen aankomen, en daar een blijvende verandering teweeg brengen, laten daar ook een bepaald verband achter, zg. associaties. De gewaarwordingen worden in een aantal vaste verbindingen met elkaar geassocieerd, en deze associaties vormen de zoogenaamde herinneringsbeelden. Zoo wordt het bewustzijn van het eigen lichaam opgebouwd uit een groot aantal herinneringsbeelden.

Nog oneindig veel talrijker worden de indrukken die in de hersenen aankomen, wanneer ook de andere zintuigen meer gaan functionneeren. Het pasgeboren kind ziet, hoort, proeft en ruikt nog zeer weinig; maar de zintuigen leeren snel aan, en vooral het zien en kijken wordt den gezonden zuigeling soms al met enkele dagen tot een groot genot. Het kind bekijkt zijn eigen vingertjes grondig en van alle kanten; het steekt zooveel mogelijk zijn beentjes omhoog en bekijkt zijn voetjes. Dan gaat het ook al gauw zijn naaste omgeving bestudeeren. In enkele weken kent en herkent het zijn moeder.

Als het kind grooter wordt, leert het iederen volgenden dag meer. En naast het bewustzijn van het eigen lichaam ontstaat dat van de buitenwereld, dat eveneens uit een aantal herinneringsbeelden (die weer associaties tusschen gewaarwordingen zijn) opgebouwd is. Maar daarbij blijft het niet. Omstreeks den tijd dat het kind gaat spreken, gaat zich ook het bewustzijn van zijn eigen persoonlijkheid vormen, in principe ook weer uit zintuigelijke gewaarwordingen. Alle indrukken, door de zintuigen in de hersenen aangebracht, zoowel uit de buitenwereld als uit het eigen lichaam, worden daar geassocieerd met de reeds aanwezige herinneringsbeelden. Deze associaties zijn oneindig talrijk, maar er zijn ook groote groepen van associaties die zich telkens en telkens in vaste

Sluiten