Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't nu maai kort uit te drukken, in zijn bewustzijn. En hij heeft zoo goed aanspraak op een doelmatige (psychische) behandeling, als degeen die zijn been gebroken heeft op een chirurgische. Misschien zal in sommige gevallen die „doelmatige psychische behandeling" moeten bestaan in een flinke schrobbeering, omdat dat voor den patiënt de krachtigste en meest aansprekende suggestie is om zijn pijn kwijt te raken. Maar daarmee moet men toch voorzichtig zijn. Want in vele gevallen is de door den patiënt gevoelde pijn, door hem zoo slecht gelocaliseerd, de aanwijzer van een veel ernstiger lijden, dat eerst later verder tot uiting komt, bv. van een beginnend zenuwlijden.

Van zeer veel belang, speciaal in het maatschappelijk leven, is de kennis der zoogenaamde retro-actieve suggesties. Menschen, en speciaal kinderen, met meer dan de gemiddelde suggestibiliteit, aanvaarden niet alleen een suggestie voor de toekomst, maar ook voor het verleden. Een van de eersten die daar een speciale studie van gemaakt heeft, was B e i nheim (Nancy). Hij had in zijn kliniek niet alleen zenuwlijders, maar ook allerlei patiënten aan interne ziekten, o. a. ook kinderen. Ook deze patiënten onderzocht hij dikwijls op 't punt van hun suggestibiliteit, en wanneer die grooter dan bij den gemiddelden normalen mensch was, liet hij hen ook deelnemen aan zijn experimenten over retro-actieve suggesties.

Hij zei dan b.v. tegen een patiënt: gisteren is immers die patiënt daar tegenover u aan 't vechten geraakt met een verpleger? U hebt het ook gezien, is 't niet?, en denverpleger nog geholpen? De toegesprokene aarzelt misschien eerst nog even, maar stemt al gauw toe, herinnert zich alles, en voegt er zelf nog een en ander aan toe. Dan wordt een tweede mee in 't gesprek betrokken, die zich ook al gauw alles weet te herinneren, dan een derde. Zoo kon Bernheim met vier, vijf personen een heele geschiedenis in elkaar dichten, die ze allen precies gezien hadden, zich allen goed herinnerden, (ook hun eigen aandeel er in), en waarvan ondertusschen geen woord waar was. Dan begon hij weer tegen den eersten patiënt: maar weet u *t nu eigenlijk

Sluiten