Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vormen de wanden van den Géant slechts één van de ontelbare variaties.

Wij hadden op onzen tocht een eigenaardige ontmoeting. Juist toen we stonden op het kleine, luchtige balconnetje, waar indertijd Mummery zijn kaartje achterliet, werd het verder gaan voor een half uurtje onmogelijk gemaakt door een afdalende partij, want voor uitwijken is op dezen Aiguille nu eenmaal niet veel gelegenheid. De afdalende partij bestond uit twee gidsen en een jammerende, huilende dame, die als een willoos voorwerp omlaag werd gevierd.

„En doet U dat nu allemaal voor Uw plezier?" vroeg Finch aan 't slachtoffer.

„Plezier?" snikte ze. „Ik geef, ik weet niet wat, als ik van dien ellendigen berg af ben."

De vraag „wat ze er dan eigenlijk op deed", bleef helaas onopgelost. Voor die dame was deze alpine-daad als een alpineuitwas te beschouwen.

Wat mij betreft, ik hoop, dat ik nog dikwijls in de gelegenheid zal zijn, mij aan zulke uitwasjes te mogen bezondigen.

Zelfs de touwen hinderden me niet, hoewel ik ze anders uit den booze vind, want kan men er niet zonder touwen komen, laat men dan liever beneden blijven. De touwen, zooals op den Matterhorn-Noordwand, profaneeren den berg. Op den Géant echter hebben ze me tot erkentelijkheid gestemd, omdat zonder de touwen de bestijging niet mogelijk zou zijn. En dezen animeerenden tocht, waarbij je zienderoogen al hooger en hooger boven de aarde stijgt, had ik niet gaarne willen missen. Gevaar is buitengesloten voor den geoefenden alpinist, die niet duizelig is; de kabels zijn dik, het graniet onbreekbaar. Ze bieden zóóveel stevig houvast, dat je gerust eens kan rondturen in de wijde ruimte boven, beneden en aan drie zijden om je heen.

En toen op den top! Met welbehagen strekten we ons uit op de rotsen, want het was juist n1/2 uur geleden, dat wij de hut verlieten. Er dreven wolken boven ons, maar het scheen of die stil hingen tegen de diepblauwe lucht en of wij voortzeilden op ons rotsblok op een fantastischen tocht door het hemelruim; want wanden ziet men niét, zoo schieten ze in strakke lijn omlaag naar de gletschers. Alleen aan de Noord-zijde stuit het

Sluiten