Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ceerde strookje bcosy I„ den lichtstroom door den ring voor, gedeeld door 2 it. Verricht men deze constructie voor alle ringen, dan verkrijgt men een oppervlak evenredig met den totalen lichtstroom. Deze laatste is gelijk aan 2 jt maal het oppervlak van de rechtsche figuur. In het onderhavige geval wordt deze eene halve ellips met de halve assen 1 en 50.

Het oppervlak is dus gelijk aan 'k n 50 en dus is de totale lichtstroom 2«X V» n 50 = ir2 50 = 494 lumen. De gemiddelde sferische lichtsterkte 494

bedraagt — = 39,3 kaarsen. De hier beschreven methode hebben wij aan Rousseau te danken.

, Fig. 16.

De rechter helft van fig. 15 noemt men naar hem vaak het Rousseau-diagram.

In sommige gevallen is het van groot belang niet de gemiddelde lichtsterkte, doch de gemid-

Sluiten