Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IV. De metaaldraadlampen.

1. De voorgeschiedenis.

eeds bij de allereerste pogingen om electrische energie in licht om te zetten heeft men metaaldraden gebruikt, die door den electrischen stroom op

hooge temperatuur gebracht werden. Ook Edison gebruikte bij zijne eerste proefnemingen platina. Dit metaal bleek echter ten eenenmale ongeschikt. In de eerste plaats ligt het smeltpunt te laag (17603 O), doch verder verdampt het zoo sterk, dat de lampen na zeer korten tijd onbruikbaar worden. Alle proefnemingen met platina zijn dan ook zonder resultaat gebleven.

Meer succes heeft de osmiumlamp van Auer von Welsbach gehad, die in 1902 in den handel werd gebracht. De gloeidraad bestond uit het metaal osmium, dat eerst bij ongeveer 2700° C. smelt en dat ook eene relatief geringe dampspanning heeft. Het nuttig effect van deze lampen bedroeg ongeveer 1,5—1,6 watt per kaars, hetgeen eene belangrijke vooruitgang tegenover de kool-

Sluiten