Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich op den kooldraad afzet; langzamerhand wordt de koolstof door wolfraam vervangen; er blijft slechts eene dunne koolkern over. Door den draad nu op hooge temperatuur te brengen, kan men deze kern voor een groot deel verdampen. De zoo verkregen wolfraamdraden werden in lampen gemonteerd, die dan luchdedig werden gepompt. Deze wijze van werken was echter te omslachtig en werd weldra vervangen door eene andere, waarbij de draad gespoten werd. Wolfraampoeder werd met water en eene kleefstof tot eene dikke pastei gewreven en dan onder hoogen druk door eene kleine opening geperst, gewoonlijk een gaatje in een doorboorden diamant. Zoodoende verkreeg men een brozen draad, die den stroom nog niet geleidt. Door den draad te verwarmen, verkoolt men het bindmiddel, de samenhang der deeltjes wordt inniger, de draad begint de electriciteit te geleiden. In dezen toestand brengt men de draden onder een klokje op zeer hooge temperatuur door er stroom door heen té* zenden. Het grootste deel van de nog aanwezige koolstof verdampt daarbij, de wolfraamdeeltjes hechten zich inniger aan elkaar en de draad krijgt een metallisch uiterlijk. De zoo verkregen draden werden op de steunhaken gemonteerd, en vervolgens in een glazen ballon gesmolten. De fabricage der gespoten draden was zeer moeilijk en slechts weinigen fabrieken gelukte het, constant goede resultaten te verkrij-

Sluiten